Mannen

" De vaste mannen van Nederlands" zei Tommy " dat zijn Max, Robert, Martijn, Rick, Tommy en Carrie". Ik moest hard lachen na deze aankondiging. "Je bent geen man," verduidelijkte Tommy "maar je bent wel één van vaste de mannen"

Het gekke is, Tommy heeft gelijk. Hoewel ik heel fijne vriendinnen heb, ben ik het meest bij de mannen.
En dan niet giechelend op hun schoot, maar meedoend met de slechte grappen. Ik kan erg goed door één deur met hen.
We stonden in het café het glas te heffen, het was de zogenaamde pré Brugge borrel, een idee van het nieuwe bestuur van de studievereniging. Zoals elk jaar gaan we eind januari een paar dagen naar een Vlaamse stad om te genieten van lokale musea, cultuur en andere gezelligheid.

Het zal voor het eerst in jaren zijn, dat ik het niet zelf organiseer. Dat ik gewoon met een programmaboekje in de hand achter de meute aan mag sjokken, in plaats van vooraan met zweet in mijn handen de planning opdreunend.

En het zal voor het laatst zijn. Volgend jaar zal ik niet meer meegaan. Omdat ik dan - deo volente - afgestudeerd zal zijn en mijn vrienden met mij. Het is dus het einde van een tijdperk. Dat weten we, maar tegelijk is het nog niet zo. We deden gisteren op de borrel alles wat we altijd doen alsof het nooit zal veranderen. We zingen, we vertellen verhalen en we hebben het gezellig. We haken terug op grappen uit 2004, zodat de meeste eerstejaars ons maar vreemd vinden. Ik besef dat het best vreemd is als iemand opeens roept: "We gaan naar Pol!" en dat dan zes man in een deuk ligt.

En oud vinden ze ons ook vast, maar dat hoort. Generaties komen op en treden terug in de coulissen, een natuurlijke golfbeweging. Wel vreemd als je er zelf deel van uitmaakt, maar soit.

Wij zullen deze studiereis weer ons mannetje staan.

Tot zondag!

C. | Woensdag 30 Januari 2008 at 7:37 pm | | Default | Geen reacties

Cadeau

Er gaan weken voorbij dat ik geen cadeaus krijg, maar vrijdag kreeg ik opeens een prachtig verlaat verjaardagspresentje. De groep met wie ik het symposium heb georganiseerd, kwam met een prachtig rood pakje aan, toen ik het opende was ik opeens in het bezit van een CD met de stem van Herman de Coninck.


Ik heb moeten wennen aan Herman.

Vroeger ontglipte hij me, zijn gedichten waren zo anders dan de gedichten die ik kende. Blijkbaar heb je een bepaald raamwerk in je hoofd, van wat poëzie is, hoe een roman zich ongeveer zal ontvouwen. En als een dichter er niet in past, dan kan het zijn dat het je ontgaat. Je moet erin groeien, lijkt het.

Op een dag lees je weer een paar regels, of je hoort ze op een onbewaakt moment en dan grijpen de tandwieltjes wél in elkaar.
Zo ging het bij mij en Herman ook, ik las hem opeens op het goede moment. Simpelweg.

En nu, nu ben ik dan een bewonderaar geworden. Ik ben dol op zijn taalgebruik, zijn woorden, zijn op het oog eenvoudige vergelijkingen waar werelden achter schuil gaan. Vaak als ik zijn gedichten lees, ben ik diep onder de indruk van hoe treffend ze zijn.

Hoe het ook zij, ik kreeg een CD met zijn stem. Hij leest voor uit eigen werk. En dat is een rijk bezit voor een fan zoals ik, want Herman leeft al meer dan tien jaar niet meer. Hij stierf op straat in Lissabon.

Het is fijn als je mooie zinnen niet alleen kunt lezen, maar kunt horen. Toen ik tussen de instappende mensen stond, met hun geroezemoes en gepraat, was het heel fijn om af en toe een flard mee te krijgen als "zo schudt een gedicht onderweg alle overbodige woorden van zich af" of  "Ach, de troost van een vergelijking, het helpt bijna"

En zo kwam het, dat ik vandaag in de trein zat met zijn stem op mijn oren, terwijl ik in zijn Verzameld Werk kon meelezen. Een wonderlijke ervaring. Soms schoot ik in de lach, soms zat ik - waarschijnlijk - te knikken.   Ik kon me gelukkig wel inhouden om dingen te roepen als "Wat mooi" en "goedzo Herman".

Vreemd hoe zo'n bandopname iemand zo tot voortbestaan kan brengen, hoe je zo kunt genieten van woorden en zinnen. Ik heb een vouwtje gemaakt bij elk gedicht dat me raakt en constateerde een boek vol plooien.

De Coninck is dood, maar lang leve De Coninck.


foto

C. | Maandag 28 Januari 2008 at 7:40 pm | | Default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , ,

De mensen die de UB bevolken, zijn vaak heel lang dezelfden. Je zult elkaar nimmer groeten, de studentengedragscode is streng op dit gebied, maar toch altijd is er een vonkje van herkenning in de ogen. De jongen tegenover me, zie ik nu al de hele week. En hij mij ook. Steeds denk ik " daar heb je hem weer"
En hij registreert mij ook, dat zie ik.

Hoewel je elkaar dus nooit spreekt, leer je elkaar een beetje kennen. Ik kan lezen wat zijn studieboeken zijn. Hij doet iets met politicologie. Wat hij van mij zal denken, met mijn stapel met Hamlet en Walewein, laat zich raden. Bovendien zien we met welke vrienden we gaan koffiedrinken en hoe lang.

Altijd als ik hier ben, ligt er een deadline in het verschiet. Ik heb wel iets anders aan mijn hoofd dan het turen naar jongens van tweeëntwintig, geloof dat maar gerust. Als iemand me opvalt, moet hij er dus wel erg vaak zijn, of iets opvallends doen. Ik vond het juist zo heerlijk, dat de UB het enige oord was, waar ik mij niet bekeken voelde. Het is geen kroeg of straat, hier wordt gewerkt, het hoge doel der wetenschap word gediend. Hier turen wij in boeken en naar computerschermen, maar niet naar elkaar.

Helemaal fout, volgens vele vriendinnen. Zij zeggen dat deze universiteitsbibliotheek eigenlijk een apenrotsachtig oord is. Er worden dates afgesproken en er word geflirt dat het een aard heeft. Mijn vriendinnen hebben hier al verschillende afspraakjes opgedaan.

Nooit, maar dan ook nooit, beste lezer, heb ik hier zelf iets van gemerkt.

Maar dan mijn bibliotheekgezel! Hij is niet onaantrekkelijk. Tenminste in de zin dat hij een krachtig symmetrisch gezicht heeft, niet in de zin dat ik me tot hem voel aangetrokken. De meisjes in de bibliotheek hebben hem in het vizier. Elke dag praat hij zeker met vier verschillende meisjes. Dat wil zeggen: ik denk dat het verschillende meisjes zijn, maar ze lijken allemaal erg op elkaar. Ze komen fluisterend - het is niet bon ton om hardop te praten tussen de werkplekken - vragen hoe het met hem gaat en hoever hij al is.

En elke keer doet mijn bibliotheekgezel bliksemsnel zijn bril af. Jammer, vind ik, dat blote gezicht is veel minder mysterieus en intelligent dan met. Het begon me op te vallen dat de bril op mag blijven als er mannelijke vrienden komen, maar als de meisjes komen verdwijnt het ding met ijzingwekkende snelheid. De bril mag ook niet mee koffiedrinken of lunchen.

Wat een ijdeltuit, dacht ik bij mezelf, tussen twee zinnen over Couperus door.

Tot ik besefte dat ik zelf net zo erg ben. Het heeft mij jaren gekost de hele dag mijn bril op te durven houden, simpelweg omdat ik me er stommer en lelijker mee voel.

Mijn bibliotheekgezel en ik zijn twee loten van een stam.

Ik zal hem missen als ik mijn deadline heb gehaald,maar door alle afspraakjes denkt hij vast niet meer aan mij.

foto

C. | Vrijdag 25 Januari 2008 at 7:42 pm | | Default | Geen reacties

Circusdirecteur

Er was iets aan de hand in de uiversiteitsbibliotheek, dat kon je merken. De deuren van de kantine stonden wijd open. Tafels waren vreemd opgesteld, er leek iets afgebakend. Een klein kamerschermpje verstevigde dit beeld.

Een borrel, zo bleek, voor de bibliotheekmedewerkers. Gezelligheid onder de TL buizen met bitterballen en drankjes.
Gewoontedieren als we zijn, liepen alle studenten het afgebakende stuk in. Er was geen aanleiding het anders te doen immers, geen bordjes of overduidelijkheid.

Maar niet als het aan de grijze man lag.

Elke student die binnenkwam ervoer hij als een grove persoonlijke belediging.  Hij was overtuigd van de slechte inborst van de studerende mens; wij waren ongetwijfeld van plan bitterballen te stelen en gratis drank te scoren.

Hij posteerde zich dus achter een statafel bij de deur.
Hij ging het regelen. 

Geërgerd was hij zeker, maar er was vooral opwinding in zijn ogen te zien.
Het deed me denken aan een jongetje dat circusdirecteur speelt.

Het frappante was, dat hij met ijzingwekkende precisie wist, wie student was en wie medewerker.
De directeur scheidde kaf van koren alsof het niets was.

Sanne en ik hadden er een prachtig schouwspel aan:
De bij voorbaat geërgerde man en de
nietsvermoedende studenten, hoe hij ze heenzond met krachtige gebaren.
En bij elke student werd de circusdirecteur een beetje woedender, de gebaren werden korter, hij liep steeds iets roder aan.
 
Sommige studenten liepen door de afgrenzing heen, de directeur becommentarieerde dat luidkeels.
"Dat is niet de bedoeling jongens, die afscheiding staat er niet voor niets" rolde zijn stem door de lucht.

Toch erg aardig van de bibliotheekmedewerkers. Ook als ze een borrel hebben, doen ze nog alles om het ons naar de zin te maken.

Zelfs voor een stukje theater wordt gezorgd in tijden van deadlines en tentamens.

Ontroerend.

C. | Donderdag 24 Januari 2008 at 7:43 pm | | Default | Geen reacties

Het

Vanmorgen voelde ik een enorme lamlendigheid opkomen. Deze dag zou echt een verspilling van make-up worden.  Ik was er zeker van.

Toch sleepte ik mijzelf maar naar universiteitsbibliotheek. Ik geloof in zin maken, in ritme creëren. Je moet niet wachten op inspiratie en discipline, je hebt er zelf een hand in. Ook op zo'n hangerige dag wilde ik niet terugkijken op zappen en duimen draaien. Ik ging naar de bieb om het geprobeerd te hebben.

En hoewel ik vandaag pas laat op gang kwam, gebeurde er iets bijzonders. Soms is ' het'  er opeens. Alles lukt, alle stoplichten op groen, alle literatuur voor handen. Je schrijft en schrijft. Regel na regel rolde uit mijn vingers. Ik werkte tot acht uur zonder mijn honger te voelen.

Hoe " het"  bij je komt, ik heb er geen idee van. ' T heeft niets te maken met je kleur sokken, je ochtendritueel of het weer.

Het is er of het is er niet.

De ene dag krijg je met moeite 500 woorden op papier die je later allemaal wist omdat je visioenen hebt van dijenkletsende professoren en soms heb je een dag als vandaag.

Waarschijnlijk is het geen kwestie van verklaren of analyses maken, je moet gewoon blij zijn dat
' het ' komt van tijd tot tijd. Misschien kwam het vandaag omdat ik er niets van verwachtte.

Ik zal het morgen weer enorm proberen, niets verwachten. Het helpt vast.

C. | Dinsdag 22 Januari 2008 at 7:45 pm | | Default | Geen reacties

's Nachts, in de mist, droom ik gans onbewust
dat ik een kalfje ben, dat bij de moeder rust.
Gerrit Achterberg, 1963


Vandaag liep ik door de duinen. De lucht dreigde maar zou niet doen. Het licht was flets waardoor er geen diepte in het landschap leek te zitten. Bomen met vreemde vormen tekenden zich af tegen de hemel.  Het was ook ontzettend stil. Stemmen stierven snel weg. Ik was er bijna bang van geworden, maar gelukkig was ik in de duinen met F., dus ik vreesde niet.

Ik ontwaarde een vreemde vlek tussen de struiken, inktzwart. Het leek een dier, maar ik besloot dat dat niet kon. Toch was het zo, het was een koe, een zwarte koe. Onbekommerd stonden ze met een groepje te zijn. Ze graasden niet, ze stonden simpelweg te bestaan. De dieren waren zo goed in hun wintervacht gestoken, dat ze wel beren leken.

Bij het hek stond een amateur-fotograaf van middelbare leeftijd met zijn date. Ze droegen de grote mutsen met sneeuwvlokkenprint, die je nu veel in winkels ziet. Met een vervaarlijke lens kiekte hij de runderen.

Tevreden was hij echter niet snel. Ze moesten in de lens kijken, vond hij. Die opvatting resulteerde erin dat de vrouw en hij met hun tong klakten en sisten. Het was een wonderlijk schouwspel, eerst de vreemde dieren die opdoken in het bijna sinistere landschap en dan deze twee volwassenen met een wens, die de stilte verbraken met vreemde klanken. Raadselachtig. Op een gegeven moment besloot het paar, dat het tijd was om koegeluiden te imiteren. Immers, als ze in hun eigen taal werden aangesproken, zou het contact vast snel gemaakt zijn.

Maar niets van dat al.

De koeien bleven staan, ze gaven een nieuwe dimensie aan het woord stoïcijns. 
Het was prachtig om te zien, hoe ze de mensen zo heerlijk voor schut  leken te  zetten.

De koeien snappen het. Soms moet je de dingen niet willen manipuleren, zulke schoonheid moet je met rust laten.

beren? nee koeien!

C. | Zondag 13 Januari 2008 at 7:47 pm | | Default | Geen reacties

Fluisterzingen

foto

" Je danst zoals je in bed bent zeggen ze,Je danst zoals je in bed bent zeggen ze.zou het zo zijn,ik denk van wel.zou het zo zijn ,ik ben bang van wel. Er is een verband tussen sex en dansen denken ze"

Het liedje van Mondo Leone blijft zich herhalen in mijn brein. Sommige mensen kijken wat vreemd naar me, ik heb zelf niet door dat ik fluisterzingend voorbij ben gekomen.
Op het moment ben ik een goede prooi voor oorwurmen, zoals dat heet.

Het komt, zo zeggen muziektheoretici, omdat de melodie harmonieus is, maar niet volgens het "gewone model" oplost naar een eind toe. Er zit een kleine afwijking in het liedje, die aan je brein blijft haken. Om daarvoor een oplossing te zoeken, blijft het brein het fragment afdraaien.
Hoe oorwurmen ontstaan is niet bekend. Het verschilt per luisteraar en per muzikaal referentiekader.
Gelukkig kunnen ze het niet verklaren, want dan zouden slechte mensen ook oorwurmen kunnen produceren. De invloed van reclamejongens zou dan tot ongekende hoogte stijgen. Geen prettig idee.

De situatie waarin je luistert, is ook van invloed schijnt.
Bij vermoeidheid en veel studeren lijkt het mij logisch dat het brein meer vruchteloos zoekt naar oplossingen, dus blijft er meer hangen. Zeker als de muziek onbewust meeblaast met je handelingen. De hersenen staan nu eenmaal in denkmodus en gaan 's avonds vrolijk door.

En zo kom ik aan deze vreemde teksten in mijn hoofd.Het irriteert me nog niet, ik word nog niet gek."Je danst zoals je in bed bent" is een heerlijk simpel liedje, waar je vrolijk van wordt., zoals bij alle muziek die Leon Giesen maakt.

Het fijne van een oorwurm is ook, dat je niet meer nadenkt over de tekst, over het eens of oneens zijn met de stelling. Ik hoor gewoon het synthesizerloopje en ben me nauwelijks bewust van wat gezongen wordt.

En intussen kraam ik dus teksten uit, die misstaan in de universiteitsbibliotheek. Zonder dat ik het door heb. Zonder dat ik het ermee eens ben zelfs, want ik vind dansen echt niet altijd te vergelijken met het bedrijven van de liefde. De vergelijking is misschien terecht inzake " min of meer onbewust bewegen met het lichaam" maar gaat mank op het gebied van pasjes, omgeving, zichtbaarheid etc.
Het is een kroegwijsheid: altijd een kern van waarheid maar ook overgeneralisatie.

Misschien kan ik beter gaan fluiten voortaan.



het liedje van mondo leone kunt u hier downloaden ... ben benieuwd of het bij u ook zo blijft hangen

C. | Vrijdag 11 Januari 2008 at 7:49 pm | | Default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , , ,

Ontbijtkoek

Mijn droogrekje had het begeven. Mijn kat en ik hadden er met een mengeling van ergernis en schrik naar gekeken. Nu liep ik in de Hema om een nieuwe uit te zoeken.
Een verkoopster was druk met het neerzetten van nieuwe spullen. Een dame liep tot vlakbij haar en mompelde "zijn er nog ontbijtkoekblikken?"

De achteloosheid van de vraag fascineerde me. Het leek erop dat de dame dacht, dat de verkoopster altijd tot haar beschikking moest staan.
Nu weet ik dat het logisch is, dat een verkoopster vragen van klanten beantwoordt, je mag dit van haar verwachten vanuit haar functie.

Het is alleen zo typisch dat je de normale omgangsregels volgens sommigen de winkel niet mee hoeft in te nemen.De verkoopster hoefde niet vriendelijk te worden bejegend -blijkbaar- noch hoefde er een inleidende vraag te worden gesteld. Geen beleefde omhaal, gewoon vuren met je vraag.

In alle jaren dat ik achter de bar stond, is het mij ook meerdere malen overkomen dat iemand meende mij slechts met " bier!" te hoeven aanspreken. Zodra je een dienstbaar beroep hebt, daal je blijkbaar in de hiërarchie. En tegen gedaalden hoef je blijkbaar niet de normale beleefdheidsregels in acht te nemen.

Dit gedrag stamt vast nog uit de tijd van grote klasseverschillen. Winkelpersoneel was waarschijnlijk echt lager in rang, dus hoefde je niet dezelfde beleefdheid te betrachten als tegen een gelijke of een hogere. Maar, het is ook mogelijk dat het te maken heeft met onverschilligheid. We zien niet meer dat verkoopsters ook mensen zijn, we zien een middel om tot ons doel te komen. Helemaal duidelijk in de biercasus, lijkt me.

De ontbijtkoekblik-dame was zich waarschijnlijk van geen kwaad bewust. Het gaat namelijk ongemerkt, het is geen weloverwogen strategie. En dat is misschien wel het ergste eraan, want gedachteloos gedrag is moeilijker af te leren.

Toch stel ik voor dat we de vriendelijkheid wat meer laten terugkeren in het dagelijks bestaan.
 2008 het jaar van het nieuw vriendelijk elan.
Toon uw grootheid in uw vriendelijke glimlach. Zeg " neemt u mij niet kwalijk", wat mij betreft een van de mooiste zinnen in de Nederlandse taal.

Wees vriendelijk, het kost niets maar het maakt de dag gewoon net een beetje leuker. En daar kan een mens soms erg aan toe zijn.

Zeker in de Hema.

foto

C. | Vrijdag 04 Januari 2008 at 7:32 pm | | Default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Vlek

De providers hebben het nog zo gezegd op 31 december ; ze waren klaar de voor sms- en belpiek die zou plaatsvinden. Vodafone had technische mensen paraat staan Ze had zelfs de capaciteit voor bellen en sms'en rond plaatsen waar veel mensen samenkomen gemaximaliseerd. Wat dat precies inhoudt, weet ik niet, maar het klonk vertrouwwekkend en geruststellend.
Ook KPN had een speciaal oud- en nieuwteam ingezet.  Vodafone verwerkte 11 miljoen telefoongesprekken, dat betekent dus dat bijna heel Nederland aan het bellen was. KPN verwerkte 23,5 miljoen sms'jes. Dat betekent dat heel Nederland meerdere smsjes stuurde. Volgens Vodafone zijn nergens problemen of storingen ontstaan in het netwerk, sterker nog: volgens KPN en Vodafone verliep het drukke telefoon- en sms-verkeer tussen 22.00 en 04.00 uur vlekkeloos.

Behalve bij mij dan.

Ok ok, ik weet dat je het beter persoonlijk kunt doen of via een kaart, maar ik heb een paar mensen via sms gelukkig nieuwjaar gewenst. Immers, tegenwoordig in onze gedigitaliseerde samenleving heb je niet meer van iedereen het huisadres. Sommige vrienden kom je maandenlang niet tegen, maar je wilt ze toch even zeggen dat je het beste met ze voorhebt. 

Bij ons is het netwerk van de telefoons is tot diep in de nacht overspannen geweest. Mijn berichtjes konden wel worden verzonden, maar ze kwamen niet aan. Mijn hartelijke woorden hingen dus ergens tussen twee masten, waarschijnlijk samen met de wensen van anderen.

Anne kreeg mijn wens vannacht om 5 uur pas en mijn oude schoolvriend Luc wenste ik deze ochtend pas een gelukkig 2008 toe.

Zelf heb ik een berichtje gekregen wat vóór oudjaarsnacht verzonden moet zijn geweest, het was in ieder geval geen antwoord op het mijne van de volgende morgen. Of misschien wel maar dan heel cryptisch, vier jaar opgeleid zijn in tekstanalyse zette in ieder geval geen zoden aan de dijk.

Ik houd ervan als dingen elkaar achterhalen, maar niet als het te verwarrend wordt.

Want hoe leg ik bovengenoemde verwarring uit in een smsje?
Wat antwoord ik op een bericht dat ik al beantwoord heb, zonder dat ik bevroedde dat ik dat deed?

Was het nog maar 2007, toen wist ik het allemaal nog wel.

foto

C. | Donderdag 03 Januari 2008 at 7:30 pm | | Default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , ,

Feest

Georganiseerde feesten moeten altijd heel erg leuk zijn. Iedereen verwacht het, iedereen leeft er naar toe. Georganiseerde feesten met oud en nieuw zijn daarbij het summum. De evenementen die men op touw zet, worden elk jaar grootser. Het lijkt wel alsof je een goed verhaal móet hebben over de jaarwisseling.

Het jammer van groots opgezette feesten, is dat ze eigenlijk altijd tegenvallen. Ik heb eigenlijk nog nooit een supergeweldig oud en nieuw feest meegemaakt. Ja, ik heb leuke feesten meegemaakt hoor, ik ben niet te bewenen, maar dat was vanwege het feestgevoel.
Echter, meestal word je heel moe op de helft van de avond. Iedereen drinkt te veel. Mensen worden vervelend, terugfietsen door de stad is alsof je door geurillagebied gaat en er wordt eigenlijk altijd gevochten.

De truc is dus eigenlijk, om het een beetje simpel te houden. Gewoon, een avondje met vrienden. Meer niet. Niet te veel hopen. En zo had ik eerst een feestje bij een vriendin van een vriendin om daarna het nieuwe jaar in te luiden bij vriend V. met cynische grappen en sigaren. Terugfietsen was nergens eng.

Later hoorde ik van grote feesten en ruzies tussen agenten en burgers.De mobiele eenheid is zelfs meerdere keren in actie gekomen. Er zijn zes mensen opgepakt.

Liever een klein leuk feestje dan enorm gedoe.

Geef mij dan maar de eenvoud, groots uitpakken doen we in het nieuwe jaar wel weer. Liefst onverwacht.

Zullen we daarop proosten?

foto

C. | Woensdag 02 Januari 2008 at 7:28 pm | | Default | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , ,

Cindy

fotoHet was niet anders. Het was onvermijdelijk. Bittere noodzaak. Het kon zo niet langer. Springerig, warrig haar is leuk, maar het moet geen bosje stro worden.Ik moest naar de kapper.

In september was ik bij de verkeerde kapper. Ik had besloten eens een andere te bezoeken, een hippe. Vrienden hadden positieve verhalen gehad, ik wilde wel eens wat minder braaf eruit zien.
Bij het betreden van de zaak ging het al mis. Wat is het toch, dat hippe mensen er voor kunnen zorgen dat jij je ontzettend niet-hip voelt? Ze zouden ook bemoedigend kunnen zijn. Je zou zelfs geïnspireerd kunnen worden om zelf hip te worden. Maar hipheid behelst blijkbaar dat je anderen het gevoel geeft dat ze het net niet goed doen, hipheid sluit uit.
Toen ze ook nog vroeg of ik medicatie had geslikt omdat mijn haar er uitzag alsof het een flinke slag geleverd had, dorst ik helemaal niets meer te zeggen.
De kapster wilde mij  ook nog eens  huiswaarts zenden met een korte pony en een mat in mijn nek. Het enige wat kon, was de schade beperken. Je kunt er nu eenmaal geen haar bijknippen, lachte ze schamper.

En zo kwam het dat ik sinds september met een veel te korte pony door het leven ging die pas ergens eind oktober acceptabel werd. Een te korte pony is niet te verbergen of verhullen. Laten we zeggen dat ik er niet gelukkig van ben geworden.

Ik vind het nogal wat, een kappersbezoek. Je legt letterlijk je hoofd in handen bij iemand. Je moet uitleggen wat je wenst, maar of ze het begrepen hebben blijkt pas als het eigenlijk al te laat is, als de schaar in je lokken staat.
Plaatsnemen in de stoel maakt hoe dan ook kwetsbaar, omdat je moet aankijken tegen het meisje in de spiegel. Het licht is meedogenloos, ik zie groene en grijze vlekken op mijn gelaat die ik normaal nooit opmerk, mijn  blik is geschrokken. De speldjes die ze in je haar doen maken het niet beter. Je kunt je niet voorstellen ooit begeerlijk te zijn of zijn geweest.
Ik neem me elke keer weer voor om direct de gracht in te lopen als ik mezelf zo heb gezien.

Wanneer je de kapper bezoekt, komen de manco's van menselijke communicatie bovendrijven. En de schade wordt niet beperkt.
Je moet maar hopen dat je een gemeenschappelijke betekenis hebt geschapen met je kapper. Dat je de boodschap op de goede manier hebt verzonden en dat de kapper hem goed heeft ontvangen. En als die boodschap is overgekomen, moet de kapper hem ook nog eens omzetten naar jouw haar. In tijdschriften kijken voor een nieuwe coupe is iets wat je eigenlijk moet laten; het wordt toch nooit zo als op de foto.Immers, niet alles is mogelijk en je voldoet zelden aan het plaatje dat je voor ogen staat. 
En dat terwijl je kapsel een van de belangrijkste dingen van je hele uiterlijk is, omdat je hoofd een van de belangrijkste onderdelen is.  Je visitekaartje, is nog mild uitgedrukt.

Bij sommige haardrachten kun je je haar zelf knippen of bijhouden, maar bij mijn stadium "tussen kort en lang met laagjes" moet het door de professional gedaan worden. Ik zou het bijna niet meer gedurfd hebben, maar het moet.

En dus maakte ik een afspraak bij Cindy in mijn geboortestad.
"Zo'n korte pony kun je wel hebben hoor," zegt ze als ik klaag over haar vakgenoot "maar je moet je er wel lekker bij voelen". Cindy weet wat ze doet. Ze weet dat ik veel braver en behoudender ben dan ik zou willen. Ze kent mij misschien wel beter dan ik mezelf ken.
Ja, Cindy is mijn hoop in bange dagen. Het is niet de eerste keer dat ze me redt van een verkeerde kapper.
In een paar knipjes kan ze precies creëren wat ik wil. Ze haalt simpelweg de dode puntjes weg en herstelt de laagjes, zodat alles weer luchtig valt. Ik zou zelfs de term ‘volume' durven gebruiken als ik mezelf omschrijf. Veel praten doen we niet, althans niet over kapsels en hoofdhaar, ze gaat van start.  Binnen een kwartier sta ik buiten.

Eind goed al goed, zou je zeggen. Ware het niet, dat ze achteloos zei dat ze misschien iets anders wilde gaan doen. Ze wist nog niet zeker of ze bij de kapsalon wilde blijven. Ze wilde wel eens in een winkel staan ofzo.

Onder de niet-flatterende mosterdgroene kapperscape duimde ik dat het loos alarm was.

Blijf, Cindy, blijf!

C. | Dinsdag 01 Januari 2008 at 7:34 pm | | Default | Twee reacties
Gebruikte Tags: , , ,