Woensdag 27 December 2006 at 8:45 pm
Je weet in mijn oude stad altijd, dat het gaat vriezen in de winter, dat de bladeren vallen in de herft en dat Wannes plaatjes draait op 2e kerstdag.
Als ik me niet vergis, was het mijn tiende kerst in de stamkroeg. Alles is er nog hetzelfde, zoals het een oude stamkroeg betaamt.
Het was gezellig. Net de laatste hand aan mijn scriptie gelegd hebbende, was ik wel aan een biertje toe.
Lupe en ik stonden in een hoekje bij de sigarettenautomaat en keken naar alle bekende gezichten.
Het was ouderwets gezellig. Fijn om altijd zo'n nest te hebben waar je naar terugkunt.
Al was het maar omdat het me naar mijn studiestad doet verlangen.
Maandag 25 December 2006 at 8:56 pm
Mevrouw K. kan alleen
niet bij de rits op haar rug
schrijft dichter W.
Toen hij me over dit gedicht vertelde, moest ik meteen denken aan een groot feest waar ik heen ging in maart.
Ik woonde 2 weken alleen nadat ik bij Segher weg was, en kon inderdaad de rits van mijn galajurk maar ternauwernood sluiten, in mijn eentje.
Erg confronterend vond ik dat.
Er zijn veel dingen die je voor het eerst alleen doet of moet doen. Het kunnen kleine, belachelijke dingetjes zijn die je ongelofelijk confronteren met het feit dat je alleen bent geen relatie meer hebt. Sinaasappels uitpersen voor jezelf bijvoorbeeld, of je internet aansluiten, kan je opeens belachelijk triest maken.
En nu heb ik mijn eerste kerst als "single".
Ik zit de hele dag met een gekke broek aan, druiven etend en kletsend met mijn ouders. Ik slaap een gat in de dag.
Wat een rust, kerst is voor het eerst geen logistieke operatie met cadeautjes voor iedereen en plannen wanneer we waar zouden zijn.
Ik ben gewoon hier, in Zeeland, bij mijn ouders. Punt.
Maar, toch wel een gek idee, dat zijn ouders nu kerst zullen vieren zonder mij. Misschien zit er wel een ander meisje op de blauwfluwelen banken, best kans. Segher heeft, geloof ik, al zijn derde vriendinnetje sinds ons.
Het was best fijn,toen, maar wat een gedoe was kerst.
Wat was het heerlijk bij iemand te horen, dat moet gezegd, en ik zou 't best graag weer doen (met een ander dan wel).
Maar zoals deze kerst is het ook goed, meer dan goed.
Ik wens eenieder fijne feesten.
Donderdag 14 December 2006 at 8:58 pm
Eigenlijk kan ik niet zo goed liegen, heb ik 't hart op de tong. Echter,een beetje pragmatisch zijn is soms beter, niet alles zeggen wat je vindt of voelt heeft zo zijn voordelen in het echte leven.
Dat gaat me prima af.
Totdat ik een biertje drink.
Of een paar biertjes.
Dan valt de pragmatiek weg, het hulsje.
Dan zeg ik gewoon wat ik denk.
Meestal heeft het geen nare gevolgen, want het is op de een of andere manier altijd tegen de juiste mensen en in de juiste situaties.
Misschien heb ik daar dan toch ergens oog voor, ondanks de beneveldheid van mijn toestand.
En daarbij, mensen weten vast ook wel dat ze me niet au sérieux moeten nemen, of ze zijn het de volgende morgen toch alweer vergeten.
Geen centje pijn, meestentijds.
Onlangs was ik in een café waar een niet onaardig ogende man achter de bar werkte. Hij was echt niet onaantrekkelijk.
Maar hij had een snor, een druipsnor nog wel.
Alles kan ik verdragen,
baarden van een paar dagen,
het opstropen van de mouwen,
overhemden met bloemen,
zelfs teva sandalen kan ik met droge ogen zien dragen, daar ben ik werkelijk hard in.
Maar een snor op een mannengezicht, met veel haar, slap op de bovenlip, nee.
Nu is het natuurlijk helemaal niet erg om zoiets te vinden, maar doorgaans houd je dat lekker voor jezelf.
Ik zou ook niet willen dat iemand zeggen zou dat mijn blondachtige haar me misstaat of dat mijn outfit suf is.
Maar ja, de biertjes deden hun werk.
Dus toen hij ons uitgeleide deed zei ik "Weet je, je bent zo'n mooie man, maar ik vind het echt zo zonde van die snor"
"Hoorde je dat?" zei hij tegen Iris die achter me liep "ze vindt me een mooie man"
Gisteren kreeg ik een smsje van Iris.
De barman had plots zijn snor afgeschoren.
Tjonge.
Woensdag 13 December 2006 at 3:48 pm
Zijn ogen stonden iets te dicht bij elkaar, ze waren donker en fonkelden intens. Hij nam me kritisch op, van top tot teen. Ik had opengedaan omdat de bel was gegaan.
"Het is dus toch een huis" zei hij.
Ik knikte.
Mensen zijn wel vaker verbaasd over het feit dat onze vreemde, blinde deur een huis achter zich herbergt.
Mijn huisgenoten en ik hebben wel eens overwogen naambordjes te plaatsen, zodat ik bijvoorbeeld door het leven zou gaan als "Carrie twee keer bellen", maar we doen het niet.
Het is best prettig een onopvallende deur te hebben, in een straat die 's nachts veelal door dronkelappen bewandeld wordt.
"We zijn hier gekomen om je te vertellen over Jezus Christus". Toen pas zag ik de vrouw die linksachter hem stond. Ze keek door ronde brilleglazen en leek door haar gezel nog kleiner. In een ander leven waren ze vast een komisch duo geweest, maar nu niet. Dit was hen ernst, grote ernst.
Hij vertelde me over de dag dat Christus zou terugkomen, en dat alle dode geliefden weer tot leven gewekt zouden worden. Hij wees me het allemaal op kleurrijke plaatjes uit een tijdschrift.
"Ben je gelovig?" vroeg hij. Zijn grijze regenjas zat tot dicht onder zijn kin dichtgeknoopt en zijn haar zat in een kaarsrechte scheiding.
"Jazeker" zei ik. Mijn geloof verschilt wel heel erg van het jouwe, zei ik in mezelf. Ik stelde me voor hoe ik hem zou vertellen van mijn geloof. Hij zou me waarschijnlijk als ketterin af laten voeren.
"In dat geval krijg je nog een blaadje van me"
En ja, daar was de wachttoren van deze maand. Voor mij.
Ik ben benieuwd wat ik zou krijgen, als ik nog een vraag goed beantwoordde ....
Wat een hekel heb ik toch aan bekeerd worden én aan mensen die coûte que coûte vinden dat ze anderen moeten overtuigen.
Ik zou in vrijheid willen kiezen voor een geloof. Als ik een aanhanger was, zou ik willen dat men uit vrije wil naar me toe kwam, in plaats van vanwege psychologische beïnvloeding.
Waarom ik toch naar hem luisterde?
Omdat ik het beklagenswaardig vind als mensen niet uit mogen spreken. Je kunt het geloven of niet, maar ik vind het wel ergens heel mooi dat mensen me willen redden, dat ze ervan overtuigd zijn dat het anders niet goed zal gaan met de ander.Het lijkt me toch sterk, dat ze langskomen omdat ze het leuk vinden. Vaak worden ze uitgescholden of onheus behandeld, stel ik me zo voor.
Ja, dat moet de reden geweest zijn dat ik te laf was om de deur dicht te doen, of ze vertellen dat hun tijd aan mij verspild was.
Even later was het gesprek gedaan, en deed ik onze grote grijze deur dicht.
"Veel succes" zei ik tegen Grijsjas en zijn zwijgende metgezellin.
Ze leken heel gelukkig.
Maandag 11 December 2006 at 10:29 pm
Vandaag was ik niet stoer. Het gebeurde voordat ik er iets aan kon doen. Tranen in een vergadering.
Ik baalde als een stekker, wilde hard zijn. Mijn claim ondesteunen, een straffe dame.
Het bleek allemaal te berusten op een vervelend patroon.
Ik maaide het gras voor de voeten van mijn collega's weg, zo bleek,en werd doodmoe van het maaien.
Hard werken is niet altijd goed. Niet als er té voor staat.
Als ik huil in gezelschap, moet er wel heel wat aan de hand zijn.
Mijn collega's en ik maakten nieuwe afspraken, aten Thais en het was goed.
Even die grasmaaier in het schuurtje zetten dus maar.
Ben ik klaar voor de winter.
Maandag 11 December 2006 at 3:14 pm
Na 27 jaren in dit leven, ga ik meer en meer beseffen dat dit het pakketje is waarmee 'k het moet doen.
Je vecht niet meer tegen de bierkaaien van je eigenschappen, maar berust erin en kijkt hoe je met ze kunt leven.
In plaats van tégen ze in, als u begrijpt wat ik bedoel.
Ik ben een onzeker miepje, in het diepst van mijn gedachten.
Langzaamaan zie ik dat mijn onzekerheid weliswaar lastig is en mij veel energie kost, maar dat hij me ook veel gebracht heeft.
De mens is van nature lui, maar mijn onzekerheid maakt dat ik me een slag in de rondte werk.
Altijd bang dat het niet lukt, dat het niet vanzelf gaat, zal ik mij er eeuwig van vergewissen dat het goed is, dat het voor elkaar komt.
Omdat ik onzeker ben over mijn studies, zal ik hard werken. Omdat ik hard werk, gaat het goed.
Zo'n circeltje is het, waarin ik ronddobber.
Natuurlijk blijf ik er wel wat aan doen, want de last en de energie-afname blijven vervelend.
Werkelijk, ik blijf mijn denkpatronen doorbreken, me oefenen in positief of realistisch denken.
Dat heeft er in geresulteerd dat ik nu, na 27 jaren in dit leven, vanmorgen tegen mezelf zei
ja, ik kan wel wat
Na al die jaren ploeteren, was dat toch een extra goed gevoel.
En dat is het belangrijkste, ookal is het pas na 27 jaar.
'k Weet als ik later groot ben, en ook bijna dood ben
Dan is al die angst niet nodig geweest
Maar altijd de bangste, altijd die angsten
Maakten mijn leven tot een schitterend feest
Youp Van 't Hek
Zondag 10 December 2006 at 12:25 pm
"Dichter W., " zeg ik "weet je wat ik zo irritant aan jou vind?"
"Nee" zegt hij
"Dat je zulke goede gedichten schrijft. Ik vind ze beter dan die van mijzelf"
Hij moet er heel hard om lachen.
Afentoe verschijnt opeens een vraag van hem op mijn scherm.
"Wat vind jij, gewaad of kleed?"
Misschien, als u dat zou meemaken, zou u denken dat uw gesprekspartner gek geworden is.
Ik niet.
Niet alleen omdat ik wel wat gewend ben, maar ook omdat ik meteen de context snap.
W. is een dichter, en hij zoekt soms naar woorden.
Ik kan ook altijd bij hem aankloppen, als ik een smsje moet sturen en niet weet hoe te formuleren.
Altijd heeft hij dan een tip, die heel simpel is, maar je was er zelf niet opgekomen. "Wees eerlijk" bijvoorbeeld.
Hij schrijft prachtig, meestal. Over rozen, bruggen of de nacht.
En hij is nu ook nog gaan bloggen.
Gaat u allen kijken op zijn website.
Maar zeg niet dat ik u niet gewaarschuwd heb, u zou zich kunnen ergeren aan zijn goedheid
Klik
hier
Vrijdag 08 December 2006 at 10:24 pm
Vandaag sprak ik na een dag werken af met Jasper in de kroeg, zoals we de laatste tijd wel vaker doen.
In onze smsjes noemen we het "koffie".
Die aanhalingstekens zijn er niet alleen omdat ik geen koffie lust, maar ook omdat bij ons koffie vaak bier is,cola light, bitter lemon, tonic of rode wijn.
Er komt geen koffieboon aan te pas.
We spreken samen de week door, de mensen die we kennen, relaties, truien die we niet mooi vinden, noem het maar op.
Het valt niet snel stil, en het wordt altijd later dan gedacht.
We liepen Dichter W. tegen het lijf. Hij had geen enkele moeite om met ons van onderwerp naar onderwerp te schakelen.
Het ging over toeval, wat niet bestaat, over de samenhang der dingen, over of je jezelf toestaat gelukkig te zijn.
Ik zou willen dat het kon, ik zou willen dat ik het kon beschrijven.
Gesprekken zijn niet samen te vatten, maar het gaat erom dat ik weer door mijn stad fietste en verkwikt van alles naar huis verdween.
Alleen maar door woorden en mensen.
Het lijkt simpel, en dat is het soms ook.
Dinsdag 05 December 2006 at 11:29 pm
En toen zag ik het even niet meer zitten, na de notarisafspraak.
Twee dagen bleef ik in bed liggen, zonder moed om zelfs maar naar de supermarkt te gaan.
Zondagmiddag zat er nog geen schot in de zaak. Ik bleef moe en futloos, en had bovendien geen eetlust.
Moe en futloos ben je wel vaker als drukke studente met drie baantjes, maar als ik geen eetlust meer heb dan is er wat aan de hand.
Dus ik besloot even te gaan bijkomen onder moeders vleugels.
"Jij gaat altijd maar door, misschien moet je jezelf even een paar dagen geven om tot rust te komen" zei Iris aan de telefoon.
Ik wist dat ze gelijk had. Het kostte moeite om de boel de boel te laten, maar het moest echt even.
In de achtermiddag kwam ik in Zeeland aan, in het grote huis van mijn moeder.
Er zat, zoals vaak, bezoek. Geralde, de huisvriendin, zat in de stoel met de hond op schoot.
De moed zonk mij in de schoenen.
Niet dat ik Geralde niet lief vind, maar ik wilde stompzinnig zwijgen en een half woord kunnen zeggen waar mijn ouders genoeg aan zouden hebben.
Ik wilde kunnen slapen met een dikke kat op schoot. Kind wilde ik even zijn en niet beleefd.
Er volgde echter een heerlijke middag, echter.
Geralde bleek niet alleen, ze had haar moeder meegenomen.
De 86jarige dame zat als een koningin op de chocoladebruine bank.
Hoe de toedracht precies was, weet ik niet meer precies, maar we raakten in gesprek.
Over mannen, over de liefde, over hoe het is een partner te verliezen en over wat een goede relatie maakt.
En toen begon ik opeens met alles in het reine te geraken.
Je hebt uiteindelijk alleen jezelf. Dat is soms jammer en je voelt je soms alleen, maar het is de enige zekerheid die je hebt.
Het leven heeft gewoon zijn ups en downs, en daar moet je door heen. Punt.
Dat wist ik wel, maar opeens drong het door.
Het is soms heel goed om even géén kind te zijn, je even niet terug te trekken in een cocon.
Morgen dus maar weer fluks met de trein naar Holland.
Zaterdag 02 December 2006 at 10:25 pm
Toen ik hem het café in zag komen moest ik meteen lachen.
Hij viel ook nogal op, met zijn maillot, pofbroek en zwarte gezicht.
Heel logisch, dat een Zwarte Piet even stoom wil afblazen in deze drukke tijden.
Men draaide "Sinterklaas wie kent hem niet".
Hij gaf me pepernoten, en dat smaakte goed bij Brandbier.
We spraken bloedserieus over gladde daken, schoorstenen en de werkdruk.
Op den duur was niet meer duidelijk wie nu wiens geloof in stand hield.
Vrijdag 01 December 2006 at 12:37 pm
Na een minuut of vijf was ik de Telegraaf al beu geweest.
Mijn gemoed was toch zwaarder dan ik had gedacht.
Ik zat in de wachtkamer van de notaris en bekeek de blauwe stoelen en het iets te rood geverfde haar van de secretaresse.
Haar had ik vast aan de telefoon gehad, als de notaris in bespreking
sat.
Even zag ik voor me hoe we er in augustus 2005 op hadden gezeten, toen we het huis samen kochten. We kwamen met een auto vol schoonmaakmiddelen en verf hiernaar toe gereden.
Segher was blij geweest, hij had zin in zijn grote avontuur. De baan der banen gevonden in Amsterdam, hij kon niet wachten om er te gaan wonen.
Ik was voornamelijk gespannnen geweerst, vanwege de verhuizing en al het gedoe eromheen, en ook wel blij.
En nu zat ik er weer, alleen. Ik droeg mijn nieuwe chocoladebruine pak.
Want als we tenonder gaan, doen we dat in stijl.
We tekenden de akte. Ik geloof dat ik mijn handtekening wel acht keer zette.
"Nu bent u ontslagen" zei de notaris, want zo heet het als je geen hypotheek en huis meer samen hebt.
ont?slaan (ov.ww.)
1 (iem.) niet langer in dienst houden => iem. aan de deur zetten, iem. aan de dijk zetten, iem. de laan uit sturen, iem. de zak geven, iem. eruit /knikkeren/kegelen/, iem. op de keien /zetten/smijten/, , iem. zijn congé geven; <=> aannemen
2 laten gaan
3 vrijlaten uit een dwangpositie, ontheffen van een verplichting enz. => vrijstellen van
Alle drie de betekenissen zijn van toepassing.
Niet alleen voel ik me nu definitief de laan uit gestuurd, maar ik ben ook vrijgesteld, gevrijwaard van zorgen en een last.
Het is heerlijk en extra pijnlijk.
Na de afsluitende kop koffie met Segher, pakte ik de trein naar mijn stad.
Subiet deed ik de oordopjes van mijn Ipod in mijn oren.
Ik drukte op shuffle, hopende op een krachtig troostmuziekje.
Na twee seconden zong Frank Sinatra me toe.
?The best is yet to come? croonde hij.
En zo is het, besloot ik. In de liefde dan toch.
Bedankt Frank.
Donderdag 30 November 2006 at 09:47 am
Alexandra liep zenuwachtig rond, en opeens zag ik haar nergens meer.
Toen hoorde ik haar stem versterkt door de ruimte.
"Lieve mensen," zei ze "het is twaalf uur en C. is jarig".
Toen sloot er een enorme rij aan in de feestzaal, allemaal om mij te feliciteren.
Geen betere manier om 27 te worden.
Maandag 27 November 2006 at 4:12 pm
We zwegen.
Ik bedacht me rustig wat me die dag te doen stond, terwijl ik mijzelf in de spiegel bekeek.
Weer stelde ik vast dat een mens vreemde kleuren krijgt in de kappersstoel.Groen, geel en blauw kon ik bij mijzelf ontwaren. Dat was die ochtend nog niet zo geweest.
Naar de kapper gaan vind ik een fascinerende bezigheid. Je legt je hoofd en je voorkomen in handen van een volslagen onbekende, je zit op je kwetsbaarst in de stoel.
Onze stilte maakte het zowaar een mooi moment. Een beetje gedragen.
"Je zult je misschien opnieuw moeten voorstellen met deze coupe" doorbrak ze de stilte.
Zij had haar haren over haar hoofd gekamd op de hoogst onnatuurlijke wijze zoals je dat alleen bij kapsters ontwaart.
Gewone stervelingen gaan zo niet over straat, maar de knippende beroepsgroep wel.
Ik glimlachte en bedacht me dat het wel meeviel met mijn veranderde uiterlijk.
Goed, ietsje korter en dan de terugkomst van krullen ... het was wel een beetje anders.
Maar, gedurende mijn leven heb ik wel ingrijpender metamorfoses ondergaan.
" Heb je een vriend? " vroeg ze toen.
"Nee, " zei ik
"Nou, na deze knipbeurt misschien wel hoor!" lachte ze.
" Het is nog maar 8 maanden uit" zei ik " misschien lijkt het een hele tijd, maar ik ben er nog niet helemaal van los".
Meteen kon ik me wel voor mijn kop slaan, waarom moest ik nu weer zulk een toelichting verschaffen?
Wat maakte het uit? Wat had zij ermee te maken?
" 8 maanden is best kort" zei ze.
Toen vervolgde een relaas over háár vriend.
Dat hij het had uitgemaakt omdat hij "iets" miste, en vervolgens bij een heel lelijk meisje had geslapen.
Ze wist niet wat ze samen hadden gedaan, maar toch. Het was in de koninginnenach geweest en dan weet je maar nooit.
En vervolgens deed ze ook nog kond hoe ze elkaar weer ontmoetten op het sportveld ergens in het achterland.
Dat heb ik wel vaker, dat vreemden me vanalles vertellen willen.
Over een dode kat, of een ruzie, of wat ze gedroomd of gegeten hebben.
Ik probeerde te luisteren en op de juiste momenten iets goeds terug te zeggen.
Intussen hoorde ik een half verhaal van een vrouw die vorige week 112 had gebeld omdat haar spatader was gesprongen.
"Ze blijven tegen je praten he, om je bij kennis te houden"
Intussen veegde een andere kapper, van wie ik nu definitief had vastgesteld dat het toch een man was, mijn blonde krullen weg.
En zij maar knippen intussen, ik bad in stilte dat 't niet te kort zou worden.
Het kwam allemaal goed.
Niet alleen was de spatader weer dichtgebrand, had ik weer een goede coupe om me deze week in het gedruis te storten,
maar ook tussen de kapstersvriend en kapster is alles weer koek en ei.
"Ja, dat is fijn, want ik was er helemaal ziek van. Het was toch liefde op het eerste gezicht. Toen ik hem zag dacht ik "dat is hem" en dat is nooit meer overgegaan".
Ik stapte de kapperzaak uit en vond de wereld mooier dan voorheen.
Zondag 26 November 2006 at 3:47 pm
Het waaide stormachtig toen ik alleen naar huis liep gisteravond. Bovendien was het al donker en dreigde het te gaan regenen.
Het gemis wat al een paar weken zacht sluimerde, voelde ik opeens heel duidelijk.
"Ik moet even naar Zeeland" zei ik hardop tegen mezelf.
Een andere eenzame wandelaar met een hond keek verstoord naar me, mijn uitgesrproken gedachte had hem blijkbaar uit zijn trance gehaald.
Soms overmant de heimwee me opeens, voel ik me losgedreven, en wil ik even mijn basis bezoeken.
Dus belde ik mijn moeder.
Bleek dat ze net appeltaart had gebakken.
Dat is in 12 jaar niet vertoond, dus dat moest een teken zijn.
En dus vanmorgen snel met de trein naar Zeeland.
Gekkenwerk, vier uur treinen om vier uur daar te zijn, maar soms is het even nodig.
Zaterdag 25 November 2006 at 11:18 pm
Sommige mensen doen of zijn dingen die je niet van ze verwacht.
Gisteren trof ik mijn goede vriend Lucas op de afstudeerborrel van blonde Japi.
Lucas en ik hebben samen een jaar in het bestuur van de studievereniging gezeten.
Toen zagen we elkaar bijna te vaak, maar nu hij afgestudeerd is zien we elkaar eigenlijk te weinig. Hij geeft les op een gymnasium in Haarlem
Heel wat te bespreken hadden we dus.
En zeker omdat we niemand van de corporale roeiclub en de collega's van blonde Japi kenden, trokken we ons terug in een hoekje van het zaaltje.
We dronken samen wat, en spraken over hoe het gaat.
Onze converstatie zoals altijd in het keurige, onze vriendschappelijke band in het keurige.
Fijn, dacht ik. Eens een gesprek op niveau.
Ik vraag me nog steeds af, of ik het had kunnen zien aankomen, maar als ik het overdenk zie ik echt geen enkel voorteken.
Het was een schoolvoorbeeld van
out of the blue.
Even wende ik mijn hoofd af, en toen ik mijn ogen weer op hem richtte vroeg hij plots:
"Caat, hoe groot is de gemiddelde pik denk jij?"
Twee seconden geleden nog hadden we het gehad over promoveren en leiding geven, en hier stond ik, me verslikkend in mijn bier.
Ik vind het niet erg dergelijke dingen te bespreken, maar ik had het van Lucas niet verwacht, en zeker niet op dat moment.
"Hoe kwam je hier zo op?" hakkelde ik tenslotte.
Lucas vertelde een verhaal over een Viva die hij had gelezen waar een gemiddelde lengte in stond, die hij nauwelijks kon geloven.
Nu blijft Lucas me altijd in de herinnering als de-man-met-de-onverwachte- pikvraag.
Gelukkig vertelde hij daarna verder over de database die hij wil maken van een 19e eeuws onderwerp.
Ik haalde opgelucht adem en pakte de keurige illusie weer met beide handen aan.
Vrijdag 24 November 2006 at 1:36 pm
Het koste me een week om een simpele telefoonverbinding met de notaris te verkrijgen, alsof ik ergens in de binnenlanden van Australië verblijf.
Hij belde mij, maar werd meteen naar mijn voicemail gestuurd zonder dat mijn telefoon overging; dat doet mijn telefoon anders echt nooit.
Blijkbaar heeft het ding een hekel aan de gevestigde orde.
Ik belde de notaris als hij net lunchte of in de file stond, om maar te zwijgen over de vele keren dat zijn secretaresse in onvervalst Amsterdams vertelde dat hij in bespreking sat.
Maar eindelijk lukte het.
Het werd een vreemd gesprek, ondanks mijn blijdschap hem te spreken. Hij sprak mij aan met "je" terwijl ik consequent "u" bleef zeggen, hij zou niet bij de te maken afspraak zijn en ik riep enthousiast "tot dan".
"Kun je op 30 november?" vroeg hij.
Ik zweeg even en besloot van niet.
30 november is mijn verjaardag en de dag dat ik drie jaar geleden ten huwelijk werd gevraagd.
Nu komt er best wat blijdschap naar boven bij het ondertekenen van de laatste "scheidingspapieren" maar het lijkt me een nogal wrang symbool om het op deze beladen dag te doen.
Onze breuk heeft me goede dingen gebracht. Eindelijk kan ik echt mezelf zijn, en mijn leven staat bol van de vrienden en fantastische gebeurtenissen.
Maar het verdriet heeft me ook een anders mens gemaakt, er is zeker een schaduwkant.
Ik ben
sadder but wiser.
Ook lijk ik banger geworden, ik durf mijn hart niet meer zomaar te verliezen, en de vrijheid was in het begin best beklemmend.
Hoewel ik ook weer weet dat ik veel overleef; dat had ik niet eens durven verwachten toen ik mijn spullen pakte in februari.
Nietzsche had gelijk toen hij schreef: "wat me niet doodt, maakt me sterker"
Maar nee, ondanks alles is uiteen gaan geen verjaardagscadeau.
Het wordt dus 1 december, de dag erna.
Gelukkig ontmoeten Guus, Roeland, Ira, Iduna, Iris,Jeroen, Lisa, Hortense en Isabel me die avond.
Hef het glas op mijn hart
Dat altijd zal branden
Dinsdag 21 November 2006 at 4:19 pm
Ons twee-urige college wordt goddank gescheiden door een pauze.
Zonder zou ik het niet kunnen volhouden.
Heerlijk om even een boterham te eten, en te kletsen met studie lotgenoten.
Op de een of andere manier ontstaat er altijd een lacherige sfeer als je je net aan synchrone taalkunde hebt onderworpen.
De zoutloze woordgrapjes zijn niet van de lucht. Wie ons afluistert, gaat in neerlandinerds geloven.
Vandaag stonden we er weer, Dione en Anthonie en ik, toen we een groepje jongens en meisjes zagen lopen.
Er viel iets uit de zak van één van de jongens. Mijn eerste reactie was oprapen en/of waarschuwen.
Maar toen zag ik wat het was.
Een durex-condoom.
De verpakking schitterde in de herfstzon die door het glazen dak scheen.
Door het condoom was ik toch wel een beetje van mijn apropos, een paar seconden twijfelde ik.
Voor mijn geestesoog zag ik mezelf naar het groepje lopen met een opgeheven kapotje tussen de vingers. Een vreemde vertoning leek me dat.
Daar was ik toch wat te verlegen voor, zeker omdat ik door het apropos waar ik vanaf was geraakt, niet meer precies wist wie het ding verloren had.
"Normaliter zou ik het ding oppakken en teruggeven aan de eigenaar, maar nu weet ik het even niet" zei ik dus tot Dione en Anthonie.
Een geanimeerd gesprek ontstond.
Anthonie is net verliefd op een dichteres met laklaarzen.
Hij verzuchtte veel condooms nodig te hebben. We haden het erover, hoe voorbehoedmiddelen een enorme preventieve werking blijken te hebben bijvoorbeeld; als je er één bij je hebt heb je meestal geen kansen op seksuele escapades. Zoals bij meename van een paraplu de regen uitblijft, en de regen juist gestaag valt als je er geen bij je hebt.
We waren het erover eens, dat je altijd een condoom moet gebruiken. Dat de mannenpil waarschijnlijk pas bij de volgende generatie zal aanslaan omdat onze generatie het voorbehoeden niet direct uit handen zal geven.
In gedachten verlangde ik een moment hartstochtelijk naar de tijd dat ik weer voorbehoedsmiddelen zal nodig hebben.
Het condoom lag nog altijd te schitteren.
"Even naar de houdbaarheidsdatum kijken" Anthonie trok een streep naar de plek waar het kapotje luttele seconden geleden geland was..
Het ding bleek nog maanden houdbaar.
Toen Anthonie dat had vastgesteld, verdween het condoom in zijn broekzak.
Zijn ogen glansden blij.
De gedachten in Anthonie's hoofd ,tijdens het tweede uur van het college, laten zich raden.
Maandag 06 November 2006 at 10:43 pm
Het is erg laat op de avond, als we samen over de singels gaan.
Je kunt er uren over doen.
"Hiet woont Frits van Oostrom" vertelt Ira "En hier Menno Bentveld"
Ik wist niet eens dat ze in onze stad woonden.
Het is prachtig. Die stilte, de schone rust van mijn stad.
Ira's hart is zwaar van een vers verdriet, en ik zei "kom, we gaan lopen".
En zo deden we.
We stappen flink door. Het weer is zacht.
Ik heb een heerlijke avond in het geheugen, en ik als ik niet meer veel troostende woorden heb, vertel ik maar een grappig verhaal.
En een spannend verhaal. Alsof ik de troubadour ben en zij de treurige prinses.
Wegnemen, wil ik het. Maar dat kan niet altijd.
"Het wordt je eerste verjaardag zonder Segher," zegt Ira als we een poosje zwijgend naast elkaar voort hebben gestapt "heb je daar al aan gedacht?"
"Nee" zeg ik, en ik verbaas me over de waarheid van mijn antwoord.
Ik heb zulke gedachten echt niet meer.
Eerst was ik nog bezig met elk paar nieuwe oorbellen dat hij niet kennen zou.
Nu ben ik over een paar weken d.v. zomaar jarig en ik heb niet eens aan hem gedacht, en niet aan vorig jaar, en niet aan 2003 toen hij me ten huwelijk vroeg op mijn verjaardag.
Natuurlijk, het is nog steeds niet allemaal rond en af. Mijn hart is nog wat rauw en alle notariszaken zijn nog niet afgesloten.
Echter, ik verslik me niet meer als ik zijn naam hoor, het leven heeft zijn loop gehad. Veel sneller en anders dan ik had gedacht, maar dat is altijd.
De tijd lijkt te stoppen als een relatie op de klippen gaat, maar dan herneemt 'ie zijn enorme wervelwind.
Het ging vanzelf, het duurde maanden en het duurde drie seconden.
En op een dag zal Ira dat ook weer weten.
Als ik thuis ben zingt Bob Dylan me in slaap.
I've said goodbye to haunted rooms and faces in the street
In the courtyard of the jester which is hidden from the sun
En zo is het maar net.
Blijkbaar.
Zondag 22 Oktober 2006 at 11:51 pm
"Lisa!" riep ik twee weken geleden opeens toen ik achter mijn laptopje zat.
Ze had me toegevoegd op hyves.
Kater Sokrates schrok ervan op uit zijn urenlange meditatie, en keek me verstoord aan.
Al meer dan drie jaar had ik haar niet gesproken, en opeens was ze daar.
Met een foto, blij, slanker en ouder.
Met haar volbracht ik HBO maatschappelijk werk. We zagen elkaar dagelijks toen, en zorgden ervoor dat we met elkaar in subgroepjes geraakten.
De opleiding was niet om over naar huis te schrijven, de overige mensen vonden we maar zo zo (op een paar leukerds na, natuurlijk) maar we maakten het dragelijk met elkaar.
Ik besloot haar te mailen, en al snel vlogen mailtjes heen en weer.
En zo kwam het, dat ik me zaterdag opeens in de trein naar Delft bevond, waar ze me van de trein zou halen.
Kijk, ik geloof mensen nooit die zeggen "het was alsof we elkaar gisteren nog hadden gezien".
Dat kan niet, zeker niet als in de tussenliggende jaren zoveel gebeurd is.
Zelf was ik drie verhuizingen, een man, en een studie verder.
Lisa had o.a.een aanzoek gehad om een lamafarm te beginnen in Luxemburg (!)
Ze bezat opeens een auto, een hond, een huis en een vaste baan.
En haar zuster die toen nog gezond was, is nu in een rolstoel en spastisch.
Er was nog een eigenheid aan elkaar, een vertrouwdheid overeind gebleven van toen.
Moeiteloos op te pakken.
Dat je alles vertellen mag, en wil.
Dat je elkaar misschien zelfs een beetje kunt helpen.
Dat je misschien wel weer vriendinnen bent geworden, aan een tafel met verse aardbeien.
Ik hoop het.
Hoe laatste half jaar lijkt vroeger naar me toe te komen. Op MSN spreek ik sinds kort regelmatig met een meisje van vroeger, ik bevond me opeens in een restaurant met oude schoolvriend Thomas en hernieuwde na jaren het contact met
Luup.
Ik weet niet wat het is, maar het lijkt me goed.
Donderdag 05 Oktober 2006 at 10:34 am
Ik had een opoefiets, een zwarte zonder licht,met een oranje veter op de bagagedrager.
Die veter zat ooit om een cadeau heen wat ik van Wannes had gekregen, ik bond er mijn standaard mee vast die anders steeds naar beneden kletterde.
En, hij was een herkenningsteken. In een studentenstad staan veel zwarte opoefietsen, en ik vergeet altijd waar ik mijn fiets heb gezet.
Ik vergeet soms wel eens dat ik op de fiets bén überhaupt. Kun je nagaan. Sta ik thuis, herinner ik het me opeens.
Zojuist schreef ik had. Verleden tijd dus, want mijn fiets heb ik niet meer. Gestolen is mijn lieve zwarte opoefiets, toen ik haar op het station had gezet.
Tja, ik zette haar op het station op 2 oktober. 2 en 3 oktober spelen zich enorme drinkgelagen af in mijn stad. Men viert het Leids Ontzet, hoewel vele mensen waarschijnlijk niet eens weten wat ze vieren. Zeker midden in de nacht niet meer. Het verhaal gaat dat de locals met hun een briefje met hun adres erop de kroeg in gaan, zodat ze eventueel thuisbezorgd kunnen worden. Het is onze variant op carnaval. Grenzen vervagen en dronkaards stelen fietsen. Zo ook de mijne.
Ach ja, waarom zou het mij niet overkomen?
Omdat ik alleen voor mijn werk al 60 km per week fiets, moest er een nieuwe komen.
Ik vond mijn nieuwe liefde bij een fietsenzaak in Voorschoten. Een groene Sparta.
Minder zwaar, met versnellingen, een werkend licht, een nieuw zadel, en zonder standaard met eigen wil.
Natuurlijk mis ik de oude, maar het is heerlijk om licht door de straten te zweven.
In zijn twee.
Toch mooi, je niet bewust zijn van de gebreken aan de oude, en dan toch extra genieten van de voordelen van de nieuwe.
Kon dat maar vaker in het leven 
Vrijdag 29 September 2006 at 9:53 pm
Onze hoogleraar Middeleeuwen is niet alleen bijzonder lang, maar ook bijzonder dun.
En dat dunne, doet hem nog langer lijken. De man is echt een soort levend lineaal.
Toen hij vandaag bovendien nog een paar traptreden hoger stond dan ik, was hij ontzagwekkend lang.
En ik voelde me ontzagwekkend klein toen hij zei
" Ah, dus niet alleen afgestudeerden vandaag? "
Het was bacheloruitreiking vandaag.
En hoewel ik mijn bachelor nog niet heb gehaald, was ik er toch bij.
Voor Iris,maar ook voor Isabel en Puck. Ik maakte foto's en mocht mee lunchen met Iris en haar ouders.
Vorig jaar deed ik minder vakken, omdat ik een ontsteking in mijn rug had. Even wat rust inbouwen, besloot ik. Rustig beter worden. Dan maar wat vertraging.
Het was dus wel even gek vandaag. Ik had daar ook kunnen staan, maar door omstandigheden mocht het niet zo wezen.
De lange hoogleraar drukte me even met de neus op de feiten.
"Grapje hoor" voegde hij eraan toe.
Hij knipoogde zelfs.
Terwijl ik daar zat, in de banken van de oude collegezaal overdacht ik mijn bachelor.
Nog 24 studiepunten van me vandaan, en het gaat helemaal goedkomen.
Bovendien heb ik het gered met 3 verhuizingen, een blessure, twee studentassistenschappen, drie banen, en de breuk met Segher.
Eigenlijk was ik bij voorbaat al een beetje trots op mezelf.
Door zo'n uitreiking kreeg je er nog meer zin in.
En misschien door zo'n grapje nog wel meer.
Ik zal dat lineaal eens wat laten zien.
En eigenlijk doe ik dat al.
Frappant hoe je door zo'n kleine opmerking, toch een beetje in de verdediging schiet.
Was ik toch geraakt.
Suf hoor.
Zondag 24 September 2006 at 10:44 pm
Soms weet je direct als iemand het tegen jou heeft. "Hé hallo" hoorde ik toen ik de coupé in stapte.
Ik keek om en schrok me rot. Een bliksemschichtje spande van mijn kruin tot mijn tenen.
Het was Segher.
Eén van de eerste dingen die ik dacht, was dat ik was blij dat ik mijn nieuwe mooie truitje aan had.
Hij droeg zijn schoenen en shirt uit Zwitserland.
We zetten ons neer naast een vrouw met een kind.
Het kind, een jongetje van 2, keek afwisselend aandachtig naar Segher en naar mij.
We praatten.
Ik vroeg naar zijn werk, zijn ouders, zijn zus Els en haar studie.
Hij vertelde hoe goed het met hem ging.
Hij sprak over zijn werk, de dingen die hij meegemaakt had.
Ogenschijnlijk twee mensen die elkaar vaag ergens van kenden.
Oude klasgenoten, misschien.
"Ik ben jouw vriendin geweest" dacht ik opeens.
Koortsachtig probeerde ik me voor te stellen hoe het was, maar het gelukte niet.
Het scheen me vreemd toe, alsof het over een ander ging.
"Je bent er weer" had mijn moeder gezegd toen ik uit de trein stapte zaterdag.
En ze bedoelde niet, dat ik weer voet op Zeeuwse bodem zette.
Ze wilde zeggen dat ik weer mezelf was. Dat ik weer mij was geworden.
Zelf had ik het niet zo door, maar wel toen ik uit de trein gestapt was en Segher in de coupé liet.
Gek dat je een ander moet ontmoeten om te zien dat je jezelf weer bent.
En dat Segher niet eens vroeg hoe het met mij ging.
Zaterdag 23 September 2006 at 10:56 am
"Misschien is het wel de laatste keer dit jaar dat we op het terras kunnen zitten" zeg ik tot Iduna, als ik kom aanlopen met een korenwolf (voor mij) en een vaasje (voor haar). Het is één van onze favoriete cafés, waar we aan het water zitten.
Het bier is weliswaar niet zo duur als bij het Grand Café ernaast, maar je moet het wel zelf halen.
Zij is na een relatie van zeven jaar single, en ik na eentje van drie. Beiden komen we nu uit de huilfase.Nog niet alle wonden zijn dicht, maar we hebben genoeg tijd besteed aan het likken ervan.Tijd om vooruit te kijken, wat voor ons nu inhoudt dat we, naast over wonen, studie,toekomstplannen en carriere, vaak over mannen praten.
We bespreken de vraagstukken die erbij horen. Wie wel wat voor ons zou zijn. Wie niet. Wie we leuk vinden, en wie ons leuk lijken te vinden. En natuurlijk gaat het vaak over onze exen, wat we van ze geleerd hebben. Wat we willen, wat we vooral niet (meer) willen. We vertellen de ander hoe we gezien worden, en verbazen ons.
Het is leuk om ons even Oprah te wanen.
We proosten op niet meer mannen, situaties of vriendschappen najagen die niets voor je zijn, maar de dingen die goed voor je zijn opzoeken en erin opgaan.
We moeten ons gewoon aansluiten bij onze eigen fanclub, besluiten we.
De glazen klinken.
Woensdag 13 September 2006 at 2:10 pm
We zaten op het terras. De zon scheen, en dan lijkt ons stadje wel Zuid-Frankrijk.
Ik zat tegenover Puck en Isabel bij het koffiehuisje.
We spraken over Puck's nieuwe liefde, die eerst nog een relatie moest beeïndigen in Berlijn.
We spraken over Isabel's nieuw gevonden huisje met haar jeugdliefde.
Het was heerlijk me te laven aan hun mooie verhalen.
We spraken ook over mijn vijf, en wat ik nu moest doen.
Mevrouw van 't Schip staat bekend als onbuigzaam. Waarschijnlijk kan ik pas in juni een herkansing doen.
Dat betekent dat ik hopeloos ga achterlopen bij mijn vriendinnnen, die nu al aan de master begonnen zijn.
Ik miste zo opeens, terwijl ze er nog gewoon waren.
We gingen opbreken.
Het was collegetijd, en we moesten dus gaan.
Ik trok mijn portemonnaie." Nee " zeiden ze "we trakteren jou, omdat je je tentamen niet hebt gehaald"
Vervolgens stopten ze mij een map toe vol aantekeningen van vakken die ik nog moet doen.
Dinsdag 22 Augustus 2006 at 10:18 pm
Iedereen heeft wel eens een werkdag die moeilijk door te komen is, iedereen baalt wel eens.
Maar het meest balen festivalgangers en vakantiegangers die weer moeten beginnen.
Zoëven liep je nog vrij en blij met de wind in je haar, en nu zit je weer in het keurslijf van de dagen.
Met een voicemail van een teamleidster die me meteen op aarde trok. Bah.
Het is lastig om na zo'n groot feest door te gaan, als er geen groot verheug-gevoel meer is.
Ik betrapte me er zelfs op, dat ik ging aftellen tot de dag dat de collega die ik vervang terugkomt van zwangerschapsverlof.
Ja, ik ging zelfs uitrekenen hoe vaak ik nog op bezoek moet bij de man die constant de ringtone van crazy frog nadoet om rustig te worden, hoe vaak ik nog het bed van de oude dame die haar luiers vergeet moet verschonen, en hoe vaak ik nog naar de verhalen van de manische postcodeverzamelaar moet luisteren.
Maar ja, dat is natuurlijk niet de manier.
Als je je bedenkt dat je dat nog 20 keer moet doen, worden die 20 keer er echt niet leuker op.
Het glas is zowel halfleeg als halfvol. Jijzelf moet kiezen hoe je ernaar kijkt.
Hoewel het niet direct lukte, besloot ik dat ik moest het blijven proberen om het leuk te maken.
Ipodje op met krachtliedjes dus. En leuke afspraken met vrienden naar uit te kijken als ik het even niet zie zitten.
En besluiten dat het eigenlijk erg tof werk is.
En dat het een keer ophoudt, en dat dat ook niet erg is.
In deze gedachten verzonken stond ik tot twee keer toe te wachten bij een groen verkeerslicht.
Ik kreeg steeds meer ideeën om het beter te maken. De hoofdpijn die was komen opzetten, trok gestaag weg.
Zacht neuriede ik mee met "Poetry Man" van Stevie Ann, totdat er een grote vieze vlieg in mijn mond vloog.
Ik kon niet anders dan slikken, er was niets aan te doen. Hij zat al in mijn keel voordat ik besefte dat het gebeurde.
Bah. Vies.
Net nu ik probeerde weer voor de volle 100% vegetariër te worden ook nog.
Je moet dus goed opletten in het leven.
Doorgaan, met ogen en oren open.
Anders verrast het je met een vieze realitycheck.
En dat allemaal door Lowlands en de neiging tot aftellen.
Morgen gaat het vast beter, dan is het niet meer de eerste werkdag na Lowlands.
Donderdag 17 Augustus 2006 at 3:31 pm
Wanneer je je wonden likt na een lange relatie en je bent aan de overkant van de 25, dan kan het zijn dat je een beetje gaat terugkijken op je leven tot nu toe.
Eerder had je die neiging ook al, maar er was simpelweg niet veel terug te kijken. Aan de overkant van de 25 is er vaak genoeg stof.
Je gaat patronen zien en nadenken over dingen die 10 jaar geleden opdeden.
In gedachten heb ik eens al mijn vriendjes naast elkaar gezet.
Of ze nu wilden of niet.
In gedachten kan ik immers alles met ze doen.
Vervolgens liep ik ze allemaal langs.
Mijn eerste vriendje, van toen ik 13 was. Met zijn grote neus en raiders-jas.
Daarnaast de warrige gitarist die nu vader is van twee kinderen.
En het vriendje die informatica studeerde, met wie ik voor het eerst sliep.
Dan Senach.
Vervolgens Tristan, mijn mentor in de introductieweek.
Ook Zorro trok aan mijn geestesoog voorbij.
En Segher natuurlijk.
Ik nam een schrijfblok in de hand en ging turven.
En toen zag ik het.
Ze hadden allemaal geen agenda.
Ze kwamen allemaal vaak te laat.
Bijna geen van hen had een horloge.
Ze hadden bijna allemaal warrig haar.
Zelf ben ik ook behoorlijk warrig, maar ik leid het in goede banen.
Ik regel en ik fiks. Ben altijd op tijd, vaak zelfs te vroeg.
Wat zou dat toch zijn dat ik steeds diezelfde types aantrek?
Laat mijn volgende vriendje maar eens een man zijn met zijscheiding en brillantine 
Dinsdag 08 Augustus 2006 at 8:52 pm

"Mijn ouders wisten er eerst niets van dat ik een weblog heb" zei Elise "sommige dingen kunnen ze maar beter niet weten"
Ik beaamde dat.
Nu lezen mijn ouders wel mee, en vrienden, en soms merk je dat je je daardoor inhoudt, dat je daardoor dingen niet schrijft. Of zeer gekuist.
Soms begin ik nog wel eens een nieuwe, bij web-log.nl of blogspot, om over stoute dingen te schrijven. Maar dat houd ik dan toch weer niet vol. Na één logje sneuvelt alles. Omdat ik dan toch weer niet zoveel meemaak wat niemand mag weten. Eigenlijk ben ik verrekte saai.
Maar goed, we dwalen af.
Echter, er zijn altijd mensen die meelezen die je niet verwacht. Het gebeurt vaak dat het internet je in je staart bijt.
Een studiegenoot die me blijkt te lezen, doet me vaak blozen en schamen.
Om vervolgens weer mijn schouders te rechten en door te schrijven.
Dan maar kwetsbaar, dan weet je maar dingen van me. Nou en.
Soms schrijf je ook dingen omdat je ervan uitgaat dat de betrokkene het nooit zal lezen.
Maar soms wordt het dan toch ontdekt.
Ik schreef al eerder over de fling die ik ooit had met een rolstoelreparateur, vijf jaar geleden.
Een beetje bijtend had ik over hem geschreven, alsof hij me daadwerkelijk had verlaten voor een ander,
het bekijkend vanuit de dramaqueen die ik toen was (en afentoe nog)
Gisteravond verscheen opeens een e-mailtje van hem.
Hij sloot af met:
"Hierbij wel sorry voor toen!!! Wilde jou namelijk echt geen pijn doen. Excuus, de rolstoelman!
Het eindigde in een heen en weer mailen over toen en sorry en dat we al vijf jaar een rotgevoel hadden als we elkaar tegenkwamen. En een voorstel tot een vredesbiertje.
Wat internet al niet vermag.
Dinsdag 01 Augustus 2006 at 10:48 pm
hoe lang blijf ik nog droevig en misselijk als ik Segher net heb gesproken? 
Vrijdag 28 Juli 2006 at 11:10 am
Geflankeerd door David en Doris zat ik op een keihard tuinstoeltje in de hoek van de kamer.
In het midden was een dansvloer ontstaan. Gastvrouw Bo stal de show, danste verleiderlijk op "lust for life" van Iggy Pop.
De hele avond had ik heerlijk fris bier gedronken, en met aardige mensen "gemingled".
Opeens kwam een man de trap op. Hij had een helm op zijn hoofd, die hem wat topzwaar leek te maken. Hij had niet bepaald een imposant postuur.
Hij had een lampje bij zich wat blauw licht geeft. En een uniform natuurlijk, dus uiteindelijk werd me duidelijk dat het een agent was.
"Geluidshinder" liplas ik.
Er is een tekstje van Blof, uit begin jaren '90, wat me te binnen schiet.
"Geslaagd is pas een feest
Als de zon weer opkomt
En de politie is geweest "
Ik zeg het tegen Doris en David. Ik moet het twee keer zeggen.
De muziek staat zo hard dat de één mij niet hoort als ik tegen de ander praat.
De klacht over geluidshinder is dus niet zonder reden.
Ik heb het nog maar net gezegd, of Bo komt langs en zegt: "een feest is pas een feest als de politie is geweest".
Ze danst verder door haar prachtige huis.
Of dat nu waar is, van die politie, weet ik niet.
Ik ken veel goede feesten zonder politie, en slechte feesten mét.
Maar dit was een goed feest.
Vrienden van Bo die spontaan zalige pasta gingen maken.
Fakkels op het balkon.
Gezellig gezelschap.
Een groepsfoto met volslagen onbekenden.
Heerlijke salades.
En dat het op zo'n avond niet eens erg is om drie kwartier naar het station te lopen, noch om in de nachttrein te zitten.
En nu geen kater.
Wow.
Zaterdag 08 Juli 2006 at 4:32 pm
Al van verre zie ik haar, hartstikke zwanger en blakend.
Ontroerend mooi is ze. Er gingen drie miskramen aan vooraf, schiet het door me heen. En twee kindjes zijn overleden.
We praten even samen, over haar zwangerschap natuurlijk, maar ook vraagt ze omstandig naar mijn leven.
Ik moet mijn best doen om niet te gaan meedoen met haar Antwerpse accent.
"De tijd dat ik alleen ben geweest was de zoetste tijd uit mijn leven" zegt ze "je kunt doen wat je wilt. Wil je eten? Dan eet je. Wil je de hele dag bij iemand op bezoek? Dan ga je. Geen verantwoording, geen blok aan je been"
Nu moet ik zeggen dat ik daar ook al een tijd bijzonder gelukkig om ben, dat ik mag doen met mijn dag wat ik wil.
Maar soms, als een ander je gedachten verwoordt, bevestig je ze nog eens extra. Zeker als het iemand is van wie het geluk afstraalt, terwijl je samen in de zon staat
Woensdag 05 Juli 2006 at 12:11 am
Enorm getoeter van een vrachtwagen te horen, en gejoel van bouwvakkers die erin zitten.
Twee meisjes steken over de zebra waar de wagen voor stopt, in ultrakorte rokjes.
"Zou 'ie toch te kort zijn? " zegt het ene meisje tegen het andere.
De rok komt nauwelijks verder dan haar billen.
Maandag 03 Juli 2006 at 11:54 pm
Je kunt wel zeggen dat ik vandaag de grootste financiële meevaller had uit mijn leven tot nu toe.
Mijn baantje, als deel van een onderzoeksteam, wat ik dacht gratis te doen, bleek opeens betaald te worden.
Een loonstrook die je wel verwacht is ook fijn, maar een onverwachte is het beste van het beste.
Later sprak ik Gertrud op het grote kantoor, waar wij met een paar studieverenigingen gebruik van maken.
We waren beiden aan het werk om een deadline te halen.
Ik vertelde wat we allemaal hadden gedaan met onze vereniging, hoe ik had gewerkt voor het project, en voor het museum ...
"En heb je dan nog tijd gehad om te studeren?"
"Jahoor" zei ik kalm.
Wat een collegejaar is het geweest, besefte ik toen.
Twee keer verhuisd, rugontsteking, verbroken relatie, en dan toch alles fiksen wat je moet fiksen.
Eigenlijk was ik ineens zowaar wel een beetje trots op mezelf. En dat gebeurt mij niet vaak.
"Ik moet er iets mee doen" dacht ik, toen ik de trap afliep. "niet zomaar in de studie steken, ik moet in ieder geval even weg"
Mijn hart ging sneller kloppen. Ik voelde het in mijn borst.
Ik heb al een paar dagen vrijgenomen eind augustus, om even bij te komen van de zomer voordat de hectiek weer begint.
Maar ik geloof dat ik mezelf eens ga trakteren op een paar dagen weg.
Maandag 03 Juli 2006 at 03:56 am
Een huis hadden we, een hypotheek. Een gezamenlijke rekening ook nog.
En al die dingen zijn we aan het ontbinden.
Hij wordt als enige de eigenaar van het huis, het is immers de hoogste tijd.
De hypotheekadviseur is gebeld, zegt hij.
Dan kan die gezamenlijke rekening worden opgezegd.
Dat lijkt me heerlijk.
In mijn internetbankier-schermpje kan ik namelijk nog precies zien wat hij doet met de rekening die voorheen van ons was.
Dat is op zich niet zo erg en bovendien niet interessant.
Ik ben echt niet zo'n type die gaat zitten uitpluizen wat ex doet en waar hij het geld aan uitgeeft.
Tot vandaag mijn oog opeens viel op een mevrouw die geld overmaakt voor een Lowlandskaartje. Met een kus.
Segher pakt dus gewoon de draad op waar hij hem tijdelijk liet vallen, lijkt het.
Hij gaat gewoon met een ander meisje naar Lowlands dit jaar.
"Zo vervangbaar lijk ik dus te zijn" schiet het door me heen.
Dat is natuurlijk niet waar. Dat hij met zijn nieuwe vriendinnetje naar Lowlands gaat, zegt niets over hoe hij zich voelt over onze relatie, over wat wij hebben gehad.
Dat weet ik wel.
Maar het voelt er niet minder lullig door.
Even leek ik vandaag terug bij af.
Maar toen ik zojuist mezelf in de ogen keek (in de spiegel) besefte ik dat het - ondanks alles - heel goed gaat.
Stap voor stap.
En soms zet je even een paar stappen terug om er een heleboel meer vooruit te zetten.
Beloof ik mezelf, in het holst van de nacht, als ik na een avond met mensen om me heen eindelijk rustig genoeg ben om tenslotte te gaan slapen.
Woensdag 28 Juni 2006 at 6:18 pm
In een studentenhuis wonen betekent dat je in een huis woont waar het niet altijd schoon is.
Eerst raak je erdoor overweldigd, dan berust je, en vervolgens ga je er je eigen weg in vinden.
De fase van berusting is afgesloten, en vanmiddag toog ik naar de Hema om een fijne dweil te kopen
teneinde daar wekelijks de keuken en de drukbezochte wc mee te boenen.
Ik was nog maar net begonnen met het dweilen van de keukenvloer, ik voelde juist heel goed en stoer,
toen hij afbrak, mijn kersverse dweilstok.
Was het een teken van de goden? Dat het ijdele hoop was? Dat ik tegen mezelf in bescherming genomen moet worden?
Gij zult niet dweilen in een studentenhuis?
We zullen zien. In ieder geval toog ik voor de tweede keer naar de Hema, gniffelende mensen passerend toen ik ik met een nu tweedelige dweil door de straten liep.
Bij de klantenservice schoot men ook direct in de lach.
Gelukkig kreeg ik gratis een nieuwe.
Want ik ga door, ik laat me niet klein krijgen door een dweil. Kom nou!
Dinsdag 27 Juni 2006 at 12:59 pm
"Alleen degene met wie je altijd samen had willen blijven,
kan degene worden die je vervolgens nooit meer spreekt "
Uit: Ons derde lichaam, Edward van de Vendel
Woensdag 21 Juni 2006 at 6:58 pm
Voetbal is niet echt spek voor mijn bek. Ik ben geen háter hoor, maar ik vind het gewoon niet zo interessant om mannetjes achter ballen te zien rennen.
Het kan me niet zo veel schelen of Nederland wint. Nu het WK aan de gang is, houd ik mij dan ook afzijdig. Toen heel Nederland zat te kijken naar Nederland-Servië, zat ik heerlijk te schrijven aan mijn werkstuk over Dirc van Delft, en vrijdag (ik weet niet tegen wie "onze jongens" toen speelden) liep ik met één van mijn autische cliënten in een uitgestorven supermarkt. Stiekem voelt het heerlijk, om zo mijn eigen plan te trekken, niet te doen wat de rest van het land doet.
Al een paar weken hebben we een datum geprikt, met de meiden van mijn jaar. We doen ons best om elkaar van tijd tot tijd te zien. Gek genoeg is dat lastig, zelfs als je hetzelfde studeert. Leuk, 21 juni stond genoteerd. Ik had er zin in.
Maar nu blijkt Nederland te spelen. Tegen Argentinië. En vooral Puck en Isabel blijken fanatiek. Er moet gekeken worden.
Het cafeetje waar we altijd afspreken, heeft een groot scherm opgehangen. En dan gaan we, met zijn allen.
Want voetbal kijken is leuk...
Als ik mijn geliefde vriendinnen Alexandra, Isabel en Puck wil zien, zal ik eraan moeten geloven.
Het zal me benieuwen.
Ik ga in ieder geval niet in het oranje.
Maandag 19 Juni 2006 at 4:49 pm
Het was lang geleden dat ik een echt klassiek tentamen had gehad.
Zo één waar je veel feiten voor moet leren, echt studeren met feitjes enzo.
Derdejaars zijnde, heb ik nog wel eens tentamens, maar dat zijn meer essays. Of het zijn kleinere deeltoetsen.
Deze niet.
Ik moest alles weten van constructiegrammatica, de Junggrammatiker, structuralisme, en natuurlijk Chomsky.
Het zo wel zo ongeveer in mijn hoofd, maar ik had nog niet het gevoel de top van de berg bereikt te hebben.
Ik had nog niet het gevoel dat ik er daadwerkelijk boven stond, en alles overzag met een air van "tuurlijk".
Twee dagen had ik er verschrikkelijk aan gestudeerd met mijn vermoeide werkhoofd,
en ik hoopte dat het genoeg was om een voldoende binnen te slepen.
Zenuwachtig zat ik er een uur van te voren. Vreselijk vind ik dat. Je kunt het niet meer beïnvloeden,
het hangt boven je hoofd.
Studiegenoten nemen zenuwachtig alles door, halen begrippen door elkaar.
Je moet moeite doen om de stem van je gedachten te verstaan.
En dan begint het, ik betreed met mijn pen het strijdperk.
Zoek een plaatsje. Dione naast me, net als vroeger toen we eerstejaars waren.
Mijn blikje ijsthee alvast geopend, zodat ik straks geen vervelende geluiden ga maken.
Opassen dat ik het niet op de grond gooi, of over mijn tentamenblad heen.
Het zou niet de eerste keer zijn.
Onder druk heb ik nu eenmaal de motoriek van een pasgeboren veulen.
Naast me zitten Okki en Floris, de slimme, veelbelovende studenten.
Okki doet ook trompet op het conservatorium, Floris wordt ooit briljant hoogleraar taalkunde.
Ik hoop dat een deel van hun intelligentie naar me mag overwaaien, dat ik er misschien wat van opvang.
De lieve docent deelt het tentamen uit. Een krantenartikel uit 1968 en een vragenvel.
Hij heeft geen oorlellen, dit zal me altijd blijven fascineren.
De ene helft van de vragen is van de gevreesde mevrouw van het Schip, de andere helft van hem.
Mevrouw van het Schip vraagt jaartallen en namen. En namen en jaartallen zijn niet mijn forte.
De leuke docent zonder oorlellen stelt leuke vragen.
Vol geestdrift schrijf ik de door hem gevraagde ingezonden brief over Chomsky en Reichling.
Dan ben ik klaar.
Iedereen schrijft nog. Iedereen.
Maar ik ben klaar, en belangrijker: ik moet verschrikkelijk plassen. Het zal weer eens niet.
Ik heb er een hekel aan, als eerste klaar te zijn. Vreselijk vind ik het.
Al die ogen op je gericht, en continu het onzekere gevoel dat je het wellicht niet goed hebt gedaan.
Ik sta op, en lever het in. Het duurt nog zeker 20 minuten voor ik de anderen zie,
en met Roeland, Dione, Okki en Floris in een wilde nabespreking kan vervallen.
Het zijn lange minuten, waarin ik alles betwijfel, zelfs mijn naam en studentnummer.
Het ergste is nog het wachten op de uitslag.
Nu kan ik echt niets meer beïvnloeden, ik moet mijn ziel bezitten in lijdzaamheid.
Maar och, in ieder geval ben ik er tot augustus van af (dan is de her).
En misschien wel voor altijd.
Wie weet.
Zaterdag 17 Juni 2006 at 6:49 pm
" You don't know what you've got 'till it's gone" zong Joni Mitchell al in de jaren zestig.
Nooit besef je hoe waar dat is, als wanneer je iets kwijt bent.
En dan bedoel ik niet zozeer een liefde of een gevoel, maar ik bedoel keiharde dagelijkse noden zoals agenda's, portemonnees, boodschappenlijstjes, gsm's ...
Ik denk vaak dat het me overkomt, maar het gebeurt toch niet echt vaak. Meestal is na zoeken in de wir war mijner tas, het benodigde voorwerp al gauw weer opgediept.
Gisteren niet.
Mijn sleutels waren echt weg, nergens te bekennen.
Gelukkig, ze kwamen gauw terecht. Het was een kwestie van ophalen, de volgende dag.
Niets aan de hand.
Maar ik voelde me benauwd, een beetje onthand zelfs.
Vrijheid zit in kleine dingen, zoals je eigen sleutels.
Dat merkte ik maar weer eens.
Donderdag 15 Juni 2006 at 10:13 pm
David is meer dan zeven jaar jonger dan ik. In onze dagelijkse vriendschap merk ik er niets van, behalve als je het over tekenfilms of muziek of gebeurtenissen hebt.
Verder voel ik me bij hem niet ouder en hij zich niet jonger.
Hij plaagt me graag met mijn leeftijd.
Dat het logisch is dat ik me specialiseer in de Middeleeuwen, ik was er immers zelf bij.
Of dat ik nog bij Kaïn en Abel in de klas heb gezeten.
Heel flauw, maar toch kan ik me niet inhouden en moet ik lachen.
Soms voel ik me in zijn bijzijn vreselijk oud.
Als je je bedenkt dat ik afstudeerde toen hij veertien was, of dat zestien zijn voor hem zo veel korter geleden is dan voor mij.
Om maar te zwijgen over het feit dat ik al in groep vier zat (wat toen net zo heette) toen hij het levenslicht zag.
Maar vooral omdat ik me door hem bedenk hoe snel de tijd gaat, hoe die zeven jaar kwijt zijn geraakt in de rim ram van de tijd.
Je zou er melancholisch van worden.
Vandaag echter, zat ik met mijn docente iets te drinken. De Chinese, de Roemeense, de Columbiaanse en ik hadden ons certificaat NT2 gehaald, en dat vierden we in het café bij de faculteit.
" Dus je werkt erbij als maatschappelijk werker? " vroeg ze "heb je daar al een diploma voor dan? je lijkt zo verschrikkelijk jong!!!!" riep ze uit.
Of het mijn haarband was, of mijn gympies onder mijn jurkje zullen we nooit weten, maar mijn dag was weer goed.
Fuck Kaïn en Abel.
De duvel is oud.
Zondag 11 Juni 2006 at 1:52 pm
En dan opeens blijkt hij een nieuwe vriendin te hebben.
Een paar dagen nadat hij het vertelde, voel ik het doordringen.
Dan komt alsnog de dreun.
Het is het gevoel wat ik al die maanden verwachtte, wat zich verscholen had in donkere hoekjes, in nieuwe plannen, in het opbouwen van een nieuw leven.
Opeens is het er.
Ik ben helemaal niet zielig verder, begrijp me goed. Bijna dagelijks concludeer ik dat ik een rijk mens ben, met mijn lieve vrienden en de vele kennissen.
Het voelt alsof al mijn wortels onderdak vinden op het moment.
Op zich wel blij voor hem, ook.
Ik ontdek dat het niet om hem gaat, maar om de grote ?iemand? die hij voor me was. Iemand om altijd te kunnen bellen.
Het gaat om altijd voor elkaar zorgen, om die bepaalde geborgenheid die je alleen in liefdesrelaties vindt.
Segher heeft die nu opeens weer, met een ander, gevonden. Of dat lijkt zo, in ieder geval.
En ik kom er meer en meer achter, dat ik zo ver voorlopig nog niet ben.
Eén grote wortel ligt nog boven de aarde, en dat is soms pijnlijk.
Het zorgde voor een droeve week.
Maar, als je echt door de pijn heen gaat, kom je er pas van los.
Heel zachtjes wordt alles nu door de zon weggeblazen.
Maandag 29 Mei 2006 at 6:46 pm
Het wordt gelukkig telkens minder erg.
Als ik zo door blijf gaan zal ik rond mijn veertigste probleemloos naar de tandarts gaan. Echt, ik maak vooruitgang.
Ik ga langzaam inzien dat het niet uitmaakt hoe druk je je maakt, cariüs en baktus beïnvloed je er niet meer mee.
Dat besef scheelt.
Maar toch.
Toch moet ik vijf keer naar het toilet.
Toch ga ik met benen van (gekookte) spaghetti naar zijn behandelkamer.
Ik werd gecontroleerd, moest nog op een paar röntgenfoto's.
Toen moest ik even wachten op de uitslag.
Ik zat gezellig 1000 dooien te sterven in de wachtkamer, naast mijn moeder die moest lachen om de Cosmopolitan uit 1997.
Ze gaat mee als steun, maar wordt zo giechelig van me.
"Alles is in orde" zei de tandartsassistente met wie ik ooit de citotoets maakte.
Ik kon mijn geluk niet op.
Van opluchting ontspande ik zo, dat ik prompt van mijn stoel gleed.
De assistente deed de deur open zodat de tandarts me kon aanschouwen.
Zo was ze dan ook wel weer.
Zaterdag 27 Mei 2006 at 2:32 pm
Het heeft wat langer geduurd dan gewoonlijk. Gewoonlijk zoek ik via google een gedichtje, had ik er meteen al in het hoofd en hoefde ik daar slechts de tekst bij te zoeken. Dat is alles.
Maar, men vroeg mij al vaker om weer eens eigen werk te plaatsen. En bij een thema als " schrijven" kon ik sowieso geen werk van een ander plaatsen, dunkte me. Dus ik klom zelf in de pen. Zie hier!
En ach, op zaterdag is het lekker snel weer dinsdag ...
schrijven
Ok, ik maak me anders,
observeer en overdenk,
en heb daardoor menigmaal
alleen gestaan.
Goed, ik heb me verslaafd
aan letters, woord en metafoor
en ben bij gebrek
tegen muren opgelopen
Maar zie, ik bouw me
een ontluchte wereld.
Mijn pen trekt muren op,
en haalt legers neer.
Strooit zout, haalt angels uit
wonden.
Gooit knuppels in hoenderhokken.
En toont ware lichten.
Ik ontketen, maak los, verzin en verzoen
Leven lijkt onmogelijk
zonder pen
Ik schrijf
dus ik
ben.
Carrie
Zaterdag 20 Mei 2006 at 7:10 pm
aangenaam, plezierig, verstrooiend, prettig, gunstig, deugdzaam .....
zomaar wat woorden die omschrijven wat ik van deze site vind!
Zaterdag 20 Mei 2006 at 4:32 pm
Zijn ogen stralen als hij me ziet. Zijn vriendin begroet me gespeeld blij. Ze is helemaal niet verheugd me te zien. Geenszins. Ze is bang dat ik haar man kom afpakken, dus stuurt ze altijd een pakketje vrieskou naar me toe, dwars door haar vriendelijke woorden heen.
Ze weet dat ik ook altijd heb geworsteld met diëten, en dat ik meestal geen cent te makken heb omdat ik studeer. Dus maakt ze altijd een opmerking over hoe goed het gaat met afvallen, of over hoe goed ze verdient met haar meer dan fulltime baan.
Zo zijn de vrouwen.
Ze vraagt hoe het met me gaat. En loopt weg als ik antwoord.
Ze laat me met haar vriend praten, ze duldt het, en gaat op een strategische plek in het café staan, waar ze ons goed in de gaten kan houden.
Ik voel haar blik op ons rusten.
Het begon allemaa zo'n twee jaar geleden.
Hij en ik waren al jaren bevriend. Hij was een soort broer, met wie je aan de bar kunt hangen en met wie je vriendjes kunt bespreken, zo iemand die je gewoon kunt omhelzen zonder angst voor spanningen.
Dacht ik.
Toen bracht hij het te berde.
( klik voor het logje van destijds)
Hij bleek verliefd op mij, ondanks het feit dat hij al jaren met haar was.
Wat ik met die bekentenis aanmoest, wist ik niet zo goed. Met dit bijltje had ik nimmer gehakt.
Wat mij betrof, was er niets aan de hand. Ik wilde slechts vriendschap.
Daarenboven was ik al heel lang met Segher.
Ik besloot dus maar gewoon te doen, dan zou het vast vanzelf wel overgaan.
Dacht ik.
De lichten gaan aan, langzaam maar meedogenloos.
De voorstelling is op zijn einde, ze willen gaan sluiten.
Hij mag zijn biertje nog even opdrinken, met zijn jas over zijn arm..
"We zullen doorgaan" zingen een paar gezellige zatladders.
Hij en ik mengen ons lachend in het koor. We gaan dóór.
Maar niet.
Ze schalt met hoge stem zijn naam door het dranklokaal. En klapt in haar handen.
Plots waan ik me in een kleuterklas, waar hij iets gedaan heeft wat niet mag. Of ik.
Electriciteit hangt in de lucht. We zwijgen abrupt.
Een kort moment voel ik zelfs de oude angst voor straf.
" Je moet weg" zeg ik. Hij kijkt me aan.
"Toch blijf ik me altijd afvragen hoe het met jou geweest zou zijn. Met haar is het altijd zo moeilijk" zegt hij.
Nog geen minuut geleden mengden we ons in dronkemansgelal, nu kan de sfeer niet serieuzer zijn.
"Ach joh," zeg ik "Ik ben ook moeilijk. Wij zouden vast ook onze problemen hebben gehad. Als het al iets geworden zou zijn"
"Ja OK, maar toch blijf ik het me afvragen" zegt hij "Zo af en toe waait het voorbij"
Ik hoop dat ze gelukkig worden...
Donderdag 18 Mei 2006 at 3:11 pm
" en dan wilden we jou vragen of je de technische realisatie wilt doen?"
Anneke vraagt het me met de pretogen die ik nooit iets weigeren kan. Sinds ik ja heb gezegd, heb ik harde schouders.
We moeten ons onderzoek presenteren in een zaal waarvan ik nu nog niets weet. Ik weet niet welke computers er zijn, wat voor programma?s er op die computers staan, en hoe het qua geluid zit.
Ik ben echt niet wizzkid genoeg om daar rustig bij te blijven.
Dus neem ik mijn laptop mee met alles erop, als backup om rustig van te worden.
Ik ben de computernerd van ons team.
Alleen omdat ik iets weet van het schrijven op weblogs, en omdat het er heel handig uitziet wat ik doe. Maar veel meer dan oppervlakkige kennis heb ik niet. Segher hielp me vroeger met alles, en ik keek hulpeloos toe hoe hij nieuwe templates op zomerstorm zette.
Daarom zit u nog steeds opgescheept met dit lotech ding, en gaat de linkdump opeens onderaan de pagina staan zonder dat eerst aan mij te vragen.
Als ik eindelijk internet heb, zal ik eens een hele zondag spenderen aan het weghalen en omkatten ervan, maar ik vrees nu al met grote vrezen.
Dat ik de wizzkid ben, zegt meer over ons team dan over mij.
In het land der blinden is één oog koning.
Ik zal mijn best doen een waardige éénogige koningin te zijn.
Vrijwilligers die tot die tijd liefdevol mijn schouders willen masseren, gelieve zich te melden.
Maandag 15 Mei 2006 at 7:41 pm
Het was me al opgevallen dat de kleding van mijn stagebegeleidster ietwat strak zat.
Ze had een leuke sportieve stijl, maar haar buikje was wat uitgedijd sinds ze haar kleding had gekocht.
Helemaal niet erg.
Ik houd wel van buikjes.
Sterker nog: ik heb er zelf eentje.
( Mijn favoriete scene uit pulpfiction is die scene waarin het gangstermeisje fantaseert over een klein opbollend buikje onder haar shirtje.
Zo zit het, kleine buikjes zijn sexy.
Nu, ik doe natuurlijk heus wel mijn best mijn buikje een buikje te houden en geen buik of band te laten worden.
Maar dat terzijde.)
De klas aan wie we lesgaven, had het ook gezien. De juf had een buikje.
Je weet hoe dat gaat als mensen het samen ergens over hebben.
Een gerucht of een grapje wordt al gauw tot roddel en daarna tot ernst.
En zo kwam het dat de klas op een goede ofwel kwade dag babykleertjes had gekocht voor de juf.
Ze wisten immers zeker dat ze zwanger was?
Oei, hoe zou mijn stagebegeleidster zich gevoeld hebben toen ze dit cadeau in ontvangst nam?
Ik hoop dat haar man 's avonds lief en troostend over haar buikje heeft geaaid, en haar heeft verzekerd dat hij haar en haar buikje prachtig vond, zoals het een goede man betaamt.
Dinsdag 09 Mei 2006 at 3:14 pm
Als ik ergens een grafhekel aan had, was het aan mensen die liedjes verkeerd (mee)zingen.
Hoorde ik in de supermarkt iemand "I do paloma blanca" zingen, dan rijzen de haren mij ten berge.
Bovendien herkende ik het altijd, en danook altijd als iemand citeerde uit een liedje wat ik ken.
Zelf dacht ik dus een enorm goed geheugen te hebben voor teksten, en ik kan het niet uitstaan als andere mensen dat niet blijken te hebben.
Tot voor twee weken.
Zojuist had ik tegen David opgeschept over mijn vermogen liedteksten correct te onthouden en te herkennen.
"Het was een mooie tijd als ik me niet vergis" zei David.
Leuke jongen, dacht ik, jammer dat 'ie zo litterair zit te neuzelen.
"Wat een onzin" zei ik dus "je weet toch of het een mooie tijd was of niet?"
Hij bartste in lachen uit en niet een beetje.
Ik snapte niet wat er was, en oefende me erin een wenkbrauw droogjes omhoog te trekken. Het lukte weer niet. Het ziet er bij mij altijd uit alsof ik zielig ben.
Maar dat gaf niet, David zag het niet. Hij was nog altijd aan het schateren.
"Het is een tekst van Spinvis" hikte hij tenslotte.
Viel ik even van mijn eigen voetstuk.
Zondag 07 Mei 2006 at 4:13 pm
Het gebeurt altijd weer. Wat je ook doet. Hoe je ook vooruit plant. Hoe je ook anticipeert.
Het helpt niets.
Altijd komt er weer een zondag, begin mei, dat je de zenuwen door het lijf gieren. Dat je schouders bijna doorbuigen, omdat je de hoeveelheid werk die je in korte tijd verzetten moet, bijna te goed visualiseert.
Ookal heb je al veel denkwerk verricht, ookal heb je al hele kaders staan van de werkstukken en de tentamens die op handen zijn. Je denkt even "dit lukt nooit, ik moet nog zoveel doen"
Je heft je handen ten hemel, en word vreemd aangekeken door de andere mensen in de universiteitsbibliotheek.
En vervolgens blijf je even in die vertwijfelde fase hangen, waarna opeens je wanhoop omslaat in daadkracht.
Elk jaar weer.
Die zondag in mei komt altijd, ookal denk je van niet.
Vandaag dus ook, en ik heb in de UB gezeten tot hij sloot.
En nu komt het goed, want de raamwerken lijken zich te laten bestendigen.
Zaterdag 29 April 2006 at 12:32 pm
We passen weer op hetzelfde grachtenpand en dezelfde oude kat.
Verschil is dat ze nu op schoot komt.
De gesprekken draaiden de oude ronde, van maskertjes naar mannen, liefdes, vakanties op Kreta.
Eeuwige vragen rijzen, en zullen ook niet meer dalen. Antwoorden vinden we niet.
Dat is ons vrouwen genoeg, soms. Je stelt immers niet altijd vragen om oplossingen te vinden.
Bijna verzandden we in had ik dit maar niet gedaan, of was ik daar maar niet geweest.
Maar dat heeft geen zin, dus huilen en lachen we ons verder door alle onderwerpen die ons raken.
7 maanden geleden is het dat we hier het laatst waren. Als je zeggen zou dat het 7 jaren geleden is, geloof ik het ook.
Wat is er veel gebeurd sinds we voor het laatst in Villa Harry waren.
Toen woonde ik nog in Amsterdam, was alles nog koek en ei met Segher.
Het is alsof ik toen jaren jonger was.
Hier weer zittend, in een zelfde soort roze truitje (ik heb er veel) , met dezelfde vriendinnen, en dezelfde rosé, in een zelfde pyamabroek mis ik de Carrie die ik was destijds.
Een Carrie die zich geborgen wist, en een zeker gevoel over de toekomst had.
Nu weet ik niets meer zeker, lijkt het soms.
Het is broodnodig soms even de melancholie toe te laten.
Als je haar de kop indrukt, komt ze dubbel zo hard terug en dat is niet wenselijk.
Maar nu ga ik weer terug naar boven, waar Roos, Anneke en Iris aan de keukentafel zitten.
Ik hoor hun gelach en wil er deel van uitmaken.
Wie met drie vriendinnen in een grachtenpand zit, is niet ongeborgen.
Onzeker over de toekomst hoef ik ook niet te zijn met hen.
In ieder geval niet meer of minder dan toen ik een man had en een huis.
Ik heb mij en ik ben mij gebleven.
Ik "heb" mijn vriendinnen, en ze zijn me gebleven.
En ik denk dat het daar om gaat.
Vrienden en tafels.
Zaterdag 22 April 2006 at 1:29 pm
We praatten onder meer over eindeloze discussies en zinloze conversaties, dit alles in heerlijke, lange gesprekken. We praatten over het leven, over melancholie en het gevecht daartegen.
Kijk, ik mag dan wel hele dagen over anderen schrijven,
je zelf in een een stukje van een ander tegenkomen is heel anders.
Heel bijzonder 
Dinsdag 18 April 2006 at 12:25 pm
Het verbaast me hoe makkelijk ik overga tot de orde van de stad. Zo'n anderhalf uur nadat ik aankwam in Leiden, fiets ik alweer door haar drukke straten vol fietsers en touristen alsof ik dagenlang niets anders heb gedaan.
Mijn gedacht is meteen weer op het leven hier gericht; op referaten, activiteiten, afspraken en of ik mijn fietslichtjes wel bij me heb, en wanneer ik boodschappen zal doen.
Als ik hier fiets ben ik meteen weer een studente, een inwoner van Holland, een randstedeling.
Maar schijn bedriegt.
Een stukje van mijn hart ligt nog in Zeeland. Al reis je per raket, de ziel komt altijd te voet.
In mijn hoofd nog vlagen van het land, van de geuren die anders zijn, de taal, en de mensen.

Het is geen heimwee, het is een patstelling die af en toe opspeelt.
Enerzijds het verlangen daar te zijn, dichtbij mijn ouders, in het prachtige landschap, mijn vrienden daar, de wegen die ik ken.
En anderzijds het weten dat ik hier moet zijn, voor mijn vrienden en vriendinnen, mijn toekomst, de studie, het werk, de ontwikkeling etc.
Er is goed te leven met dit gevoel. Ik ben niet verscheurd.
Ik ben hier gelukkig. Ik heb het naar mijn zin.
Geniet van het comfort, de universiteit en de winkels en de evenementen en de feesten binnen handbereik.
Ik geniet het meest nog van de sfeer, van het feit dat er meer kan.
Dat je zomaar een kleine voorstelling kunt spelen met David, als je dat wil.
Dat je fladderjurken kunt dragen zonder nagekeken te worden.
Dat je niet raar wordt aangekeken als je verder denkt, dat het niet stom is om slim te zijn.
Het mooie is: ik hoef niet te kiezen.
Het is maar 2 uur treinen weg.
Als ik wil, ga ik erheen. Dan loop ik langs de dijken, en snuif ik de geur van Zeeland op.
Dan drink ik Jupiler met de Zeeuwse vrienden.
En als ik wil ben ik hier, en dompel ik me onder in het leven van een studente in Leiden.
Dat kan beiden, en zo heb ik het beste van twee werelden.
En nog een beetje heimwee en melancholie en verlangen ook ...
Wat kan ik me nog meer wensen?
Zondag 16 April 2006 at 1:34 pm
Ik kom pas als je liggen gaat
Je klaar bent voor de nacht
Ik kom in beelden, in fragmenten
Hard, ineens en onverwacht
Ik kom terwijl je uit het raam kijkt
Van je favoriet café
Ik zal er zijn zodra je even denkt
'Ik heb er vrede mee'
Als je eens rustig over zee kijkt
En je denkt: 'nu heb ik rust'
Heb ik je onverwachts en zachtjes
Keihard op je ziel gekust
lees verder
Zondag 16 April 2006 at 1:26 pm
Hij is kleiner dan ik, maar hij is leuk.
Of ik met hem meega, vraagt hij.
Het is een beetje spannend wel, en daar geniet ik wel van.
Misschien moet ik maar weer eens iemand kussen, bedenk ik me.
Anders wordt het zo'n issue, en ik heb wel weer eens zin.
Het café sluit en Reineke en ik lopen naar buiten. De potentiële zoener loopt ook de straat op, maar treuzelt.
Ik pak mijn fiets, en loop pratend met Reineke verder. Hij niet.
Inmiddels zijn we de hoek om, en is hij uit het gezicht verdwenen.
Nee, zeg ik tegen mezelf.
Nee, je loopt nu niet terug. Nee, je gaat er niet achteraan.
Niets van dat alles.
Hij behoort achter mij aan te lopen, besluit ik.
Het is nog geen tijd geworden om een straat om te lopen vanwege een mogelijke zoen.
Misschien breekt die tijd wel niet meer aan.
Daar ben ik een veel te leuk wijf voor, besluit ik.
En ik besef dat dat het belangrijkste is, dat je jezelf een leuk wijf vindt.
En datje dat tegen jezelf kunt zeggen.
Dat je niet hoeft af te wachten of terug te lopen voor een zoen.
Eindelijk in staat om jezelf te kussen, eigenlijk.
Je ziet het pas als je het doorhebt.
Met een brede glimlach fiets ik door de mist die tussen de huizen hangt.
Zaterdag 15 April 2006 at 5:19 pm
"Wat zijn we het weer verschrikkelijk ééns he " zegt Reineke als ze een shagje draait.
(Prachtig gebaar vind ik dat, shag draaien. Als ik zie hoe ontspannen haar vingers langs de vloei glijden, verlang ik er hevig naar ook te roken.
Alleen maar om het draaien. Je ogen neerslaan, beide handen gebruiken, afentoe mooi afwezig opkijken.
Ooit las ik ergens dat je het ergste nieuws zou kunnen vertellen als je bezig bent met draaien, en het is ook zo.
Je wendt je even af, maar bent tegelijk aanweziger dan ooit )
Al uren zitten we aan de bar, en we bespreken alles wat in ons opkomt. En dan vooral de mensen om ons heen. Inmiddels kom ik al 12 jaar in La Strada, Reineke zit er misschien al 20 jaar, dus we kunnen heel wat stamgasten onder de loupe nemen. We weten altijd nog wel een verhaal op te diepen wat de ander niet kent, waarna we tot een gefundeerd oordeel komen.
"het is dus een smeerlap"
"jazeker het is een smeerlap"
"nou"
"inderdaad"
We lijken wel op Waldorf and Statler van de Muppetshow, met ons hoekje aan de bar als loge van het theater waar iedereen zijn toneelstuk opvoert.
Zalig.
Zaterdag 08 April 2006 at 6:34 pm
Vorige week zette ik de vuilnis buiten, toen juist de dichter met het lange haar voorbij liep. Het hele voorval duurde nog geen minuut, maar ik merkte opeens hoe zijn ogen op mij rustten. Nu ja, niet op mij, maar op mijn bips.
De dichter dacht misschien dat hij heimelijk staarde, maar het was mij volkomen duidelijk.
Ik kon zijn blik gewoon vóelen.
Gisteravond.
We zaten zo'n anderhalf uur in het café, toen de dichter met het lange haar binnenkwam. "Hij kijkt naar billen" zei ik tegen mijn tafelheer. En ik vertelde over het vuilnis-voorval.
Op dat moment stonden er twee meisjes op om te vertrekken.
Het ene meisje had nauwelijks billen, haar rug ging direct over in haar benen. De dichter keurde haar geen blik waardig.
Echter, haar tafelgenote had wel zijn interesse. Zij had een strakke beige ribbroek aan die hoog in haar taille sloot, een ideaal kledingstuk om haar bloemrijke kont vol te laten uitkomen.
De dichter met het lange haar deed moeite het niet te laten opvallen, maar Thomas en ik zagen het duidelijk. De dichter was aan het billenkijken. Hij nam de gevulde billen in de beige broek aandachtig op, zijn blik was bijna hypnotiserend, alsof hij met zijn ogen door het ribfluweel wilde heen branden.
"Laten we eens kijken of hij het ook bij jou doet? zei mijn tafelheer geamuseerd.
Ik stond op om de rekening te gaan betalen en ik pakte mijn portemonnee uit mijn tas.
"Jahoor, nu al!"
Toen we het café uitliepen, waren de ogen van de dichter gericht op mijn derrière. Volgens mn tafelheer had de dichter een duidelijke focus.
"Hij kleedt vrouwen met zijn ogen uit! Ongelofelijk!"
Kijk, ik kan nu natuurlijk gaan foeteren over vieze mannetjes, maar ik besloot het te beschouwen als een enorm compliment. Niet elke dag worden mijn achterwerk en ik nagekeken met zulk een waardering en enthousiasme.
Mijn billen moesten er zelfs een beetje van blozen.
Dinsdag 04 April 2006 at 2:45 pm
Als Japi rucksichlos het computerscherm van een nietsvermoedende kennis van hem opzij schuift, om naar mij te zwaaien 
Dinsdag 04 April 2006 at 11:06 am
Geen moment aarzelde ik toen ik hem op zijn vaste kruk zag zitten. Ik trok een streep door de enorme mensenmassa in het kleine cafe om bij hem te komen.
Er zat een vrouw bij hem,wiens borsten bijna uit haar truitje tuimelden.Ze werd heel sjacherijnig toen ik erbij kwam staan.
Blijkbaar stoorde ik haar versier-actie.
Toen bleek dat ik niet " de vriendin van" was, klaarde ze op. Nu zou ik haar immers kunnen helpen.
Hij speelt in de wereldberoemde metalband. Vroeger boezemde hij me angst in, zoals hij helemaal in het zwart en in zichzelf gekeerd, met wapperende zwarte lange haren door de stad liep.
Later leerde ik hem beetje bij beetje kennen. Hij zat vaak aan mijn bar, en sprak over het leven.Over de beroemde metalband hebben we het nooit gehad.
Dat is namelijk even helemaal niet belangrijk, als je op je vaste kruk aan de bar zit.
Hij vond het leven klote, gelukkig werd hij later op de juiste manier geholpen, en was hij later veel minder depressief.
" Ik loop op wolkjes" vertrouwde hij me toe.
" Wolkjes? " zei ik en ik trok mijn wenkbrauwen op.
Het is toch vreemd zoiets te horen van zo'n inktzwart persoon, met een doemvisie op het leven.
" Ja, wel zwarte wolkjes hoor" voegde hij toen toe.
Altijd als ik in Zeeland ben, zoek ik hem op.Ik hoef niet ver. Hij zit altijd op dezelfde kruk in de kroeg.
Flesje jupiler erbij.
Hij knuffelde me, en praatte nog even onduidelijk als immer. Zodat ik, me keer op keer naar hem moest overbuigen om te horen wat hij nu eigenlijk zei.
Nog steeds alles in het zwart en lange zwarte haren.Zijn magerheid is hij echter voorgoed kwijt.
" Eigenlijk ben ik een heel nare man" hoorde ik hem tegen het meisje zeggen.Hij probeerde het overtuigend te laten klinken.
Zij geloofde hem niet, en dat is ook logisch.
Het is namelijk gewoon niet waar, hij is verre van naar.
Hij is lief.
Het werd laat, heel laat. Pas rond half 5 kroop doodmoe ik op mijn moeders fiets (met mandje) om naar huis te gaan.
Ik had nog veel langer kunnen blijven.
Donderdag 30 Maart 2006 at 12:58 pm
In het Volkskrant-magazine stond dat Maria Goos perongeluk zwarte schoensmeer op haar rode schoenen spoot. Ze moest ervan huilen. Prompt ging haar man naar de winkel en kocht een tweede paar rode schoenen voor haar. "Een lieve vrouw moet niet huilen om schoenen" was zijn verklaring.
Dat is nou échte liefde, volgens mij.
Woensdag 29 Maart 2006 at 2:17 pm
Nee, ik kan niet zeggen dat ik vol voorpret en enthousiasme de bioscoop instapte gisteren.
We gingen naar "ik omhels je met 1000 armen" en ik verwachtte een soort "costa", mijn beeld was erg gekleurd door de slechte recensies.
Goed, niet alles was even " diep" . soms waren er wendingen in het verhaal waarvan ik dacht 'ja, tuurlijk!'. Cliches lijken soms onafwenbaar te zijn.
Soms was de film lastig te volgen. Roeland, die naast me zat, kon niet altijd even snel snappen of het een flashback was of dat het verhaal gewoon doorging. En vree de hoofdpersoon nu met Samarinde of met een ander meisje?
Zelf snapte ik het ternauwernood. Dat had wel iets duidelijker gemogen, dus.
Het verhaal begint bij een jongen die zit te schrijven op zijn laptop. Hij wil het gaan uitmaken met zijn vriendin. Dan vertellen de beelden hoe ze bij elkaar gekomen zijn, maar ook wordt het verhaal hervat vanaf het laptop-moment. Dat is een beetje slordig gedaan. Roeland, die naast me zat, snapte het niet. Ik ternauwernood.
Natuurlijk zitten er veel bedscènes in, en zitten er clichés in waarvan je zegt ?jahoor, tuurlijk?
Maar ook zag je het verhaal van de ziekte van Gip?s moeder en haar uiteindelijke sterven. En dat is nergens plat of oppervlakkig.
Sterker nog, de film lijkt soms een aanklacht tegen oppervlakkigheid. Het ligt er maar net aan hoe je het ziet. En dat was het laatste wat ik verwacht had.
Maandag 27 Maart 2006 at 11:01 am
Zat ik eerst nog in een roes om te overleven, nu komt langzaam ook het verdriet om S. naar beneden dwarrelen. Als je een klap krijgt, realiseer je je niet meteen de pij; het zeer komt altijd een paar seconden later. Ik heb ook 'n klap gehad, en langzaam voel ik de pijn doordringen. Maar toch, ik had gedacht dat het erger zou zijn ...
Opeens heb je door dat je alleen bent, en dat je niet meer vanzelfsprekend elke nacht twee armen om je heen hebt. De eerste nachten had ik het letterlijk verschrikkelijk koud, de figuurlijke koude is langzamer doorgedrongen.
Gelukkig vond ik twee oude pyjama's terug. De ene met maantjes, en de andere met de roze panter. Voor de werkelijke, letterlijke koude heb je pyjama's. Al jaren heb ik er geen gedragen. Ze zijn niet sexy en veel te warm als er een man naast je ligt.
Figuurlijke pyjama's vond ik ook. In vriendschap, de tijd, wandelingen in de zon, de kat die telkenmale op schoot kruipt, en in de zachte steun van mijn ouders.
En in mijn nieuwe huis.
Het huis waar ik terecht ben gekomen is zó goed. Ik woon midden in het centrum van Leiden, aan één van de beroemdste straten (Beets en HaverSchmidt hebben er ook gewoond). Het is maar 5 minuten lopen naar de universiteit, en 5 minuten de andere kant op, naar het museum.
Behalve dat de ligging perfect is, is het er ook nog eens erg rustig. Elke morgen ,als ik de voordeur open doe, verbaas ik me weer over de drukke straat waarin ik woon. Vanuit mijn kamer in het achterhuis ben je je hier namelijk geenszins van bewust.
Het enige wat ik hoor zijn de klokken van het stadhuis, en dat is een gezellig luxeprobleem.
Ik ben blij met alles, het licht, de vele inbouwkasten, de binnenplaats waar ik op uit kijk, en de geluiddichtheid .De jongen met wie ik de verdieping deel, heeft de gewoonte met een glaasje rode wijn in de hand naar heavy metal te luisteren. Ik hoor er niets van. De andere twee huisgenootjes zijn erg stil en rustig. Nooit word ik wakker van hen, en nooit erger ik me aan hun troep ofzo.
Sokrates heeft het ook naar zijn zin. Hij mag in het huis rondlopen. Dit doet hij met een zeer serieuze blik in de ogen. Hij is op ontdekkingsreis, en dat is een ernstige zaak. Hij ligt ook vaak als een suf slapend bolletje op mijn bed. Alsof het voor een kat normaal is om drie keer per jaar te verhuizen.
We leven op 20 vierkante meter. Nou ja, zo vierkant zijn de meters niet. Nog nooit woonde ik in zo'n scheef huis. De vloer is nergens egaal, en de muren zijn ook scheef. Dat heb je, met een huis uit de 19e eeuw.
De kleine wonden zijn niet weg te nemen, maar ik heb de perfecte plek om mijn wonden te laten helen.
En de goede pyjama's.
Zondag 19 Maart 2006 at 4:54 pm
Mijn collega staat zoals altijd verveeld te roken als ik aankom op mijn werk. Zijn lange lijf leunt lusteloos tegen de muur in de winterzon.
Ik ben net niet te laat, en maak - omdat de aanval de beste verdediging is- alvast een opmerking over hoe mensen die het dichtst bij wonen, het vaakst te laat komen.
"Dichtbij ? " zegt hij, "jij woont toch in Amsterdam ?"
Ik vertel hem dat ik sindskort een kamer huur in Leiden omdat S en ik uit elkaar zijn.
Was hij net nog duf en uitgeblust, nu klaart zijn gezicht op.
Druk pratend loopt hij achter me aan naar binnen
"Oh ja? Dat wist ik niet! Dus je bent weer vrij?
En als ik mijn jas ophang zegt hij
"En maak ik een kans?"
Heel de werkdag weet ik niet precies hoe ik tegen hem moet doen.
Het is alsof heel erg op me gelet wordt, en alsof ik verkeerde signalen zou kunnen geven.
Ik wrodt er helemaal kriebelig van.
Ik ben nog niet gewend om mezelf te zien als single, en al helemaal niet als mogelijke prooi voor lange collega's die verveeld tegen muren leunen.
Gelukkig breekt hij de spanning met een overdreven knipoog.
Maandag 13 Maart 2006 at 12:45 pm
Het was een enge man die ik op mijn scherm zag.Wel een beetje onterecht, dat snelle oordeel.
Want hij had helemaal niet de kenmerken van een gluiperd.
Het was alleen een gevoel wat me bekroop. Niet dat hij niet te vertrouwen was, maar er zat een eng randje aan hem.
Ik zou op een feestje aller eraan doen om te vermijden met hem in gesprek te raken.
Hij bleek gescheiden, en hij woonde bij zijn ouders.
En wel tien vrouwen bleken geinteresseerd in hem. Ze kwamen allemaal op de thee.
De hele huiskamer zat er vol mee. Eén voor één kwamen ze bij hem op gesprek in de keuken.
Hij had een heel schema waarin hij hun antwoorden invulde. De vraag of ze een bad of douche hadden, stond hoog op de agenda.
Tien vrouwen, die naar het huis van een man gaan waar hij, met de camera erbij, gaat zeggen of je mag blijven of niet.'
Ik verbaasde me erover wat mensen al niet doen om op tv te komen, of om aan de man te geraken of allebei.
Het werd nog veel erger.
De drie dames die hij uitverkoren had, mochten een dagje gaan schilderen met hun eventuele schoonmoeder.
En met nog grotere verbazing zag ik hoe de moeder van de enge man ook nog in de huizen van de drie vrouwen ging kijken. Of het haar beviel.
Met strenge blik liep ze door de ikea inrichtingen met tijgerprint, met een verbeten serieusheid alsof het welzijn van de gehele mensheid ervan af hing.
Daarna werd overlegd met de enge zoon.
De enge zoon kookte vervolgens voor de drie dames, en na het eten stuurde hij er weer eentje weg.
Nu waren er nog twee dames die om zijn gunsten streden.
Dat je je daarvoor leent! Natuurlijk, je moet jezelf wel eens op de kaart zetten. Niets vileins is ons vrouwen vreemd.
Het kan gebeuren dat je je zelf eens wat leuker moet voordoen. Het kan gebeuren dat (eventuele) concurrentie moet uitschakelen.
Maar, zodra de strijd te serieus wordt, moet je afhaken.
Het klopt niet als je een man moet binnenhalen alsof het een veldslag is. Het gaat om toegenegen zijn naar elkaar, het moet gelijk op gaan, zodat je ontdenkt op hetzelfde pad te zitten.
Als je continu moet bewijzen dat je leuk bent, zit er al vanaf de eerste minuut iets fundamenteel niet goed. Hoe kun je daar nu mee verder gaan?
En daarbij, hoe moet je verder als je gekozen bent uit tientallen brieven? Moet je dan elke dag zijn enge voeten kussen omdat hij je heeft gered van de eenzaamheid?
Tot zeven uur 's morgens streden de dames om de gunsten van de enge man aan de keukentafel.
Daarna moesten ze samen het stapelbed van zijn co-ouderkinderen.
En bij het ontbijt liet hij de dames nog even in onzekerheid. Alsof hij nog even wilde genieten van het feit dat twee dames om zijn hand dongen, want dat was hem nooit gebeurd. Dat zag je zo. Het was zo iemand die jaren bij je in de klas gezeten kan hebben, zonder dat je zijn naam weet op de reünie. Het was niet alleen een beetje eng, maar ook iemand die tot dan toe onopgemerkt was gebleven. En nu was zijn finest hour. Hij had nooit meisjes kunnen krijgen, was vast vaak gedumpt, en nu kon hij zegevieren. Machtswellust, dat was het.
Die vrouwen waren helemaal niet lelijk of kneuzig ofzo. Ze hadden geen enkele reden om wanhopig te zijn. Ze zagen er goed uit, en hoefden helemaal niet te settelen voor zo'n eng mannetje.
Leen je daar niet voor! schreeuwde ik tegen het beeldscherm, "jullie zijn veel te leuk!"
Maar ze hoorden me niet.
Ergens ook wel weer ontroerend, wat mensen over hebben voor liefde.
Eén ervan liet zich wegsturen, en de ander bracht vrijwillig een weekend door met de enge man die niet kon ophouden haar in het openbaar te kussen.
Daar hield ze niet van. Ze zei het tegen de camera, en niet tegen hem.
Ook moest ze nog de nacht doorbrengen in een heel klein bootje. De volgende morgen kwam de moeder van de enge man ontbijt brengen.
En dan zwijg ik nog over de echtegenote van de zanger die het presenteert.
Ik vind het niet gek dat Van Kooten en De Bie zijn gestopt. Dit kun je niet verzinnen of persifleren. Het is te erg.
Dinsdag 07 Maart 2006 at 10:17 am
Ik ben verhuisd. Ik beweeg me in een chaos van dozen, gevoelens, lieve kaartjes, bezoekjes, tasjes, hulp, aardige e-cards,.snoeren, lieve smsjes.
Ik ben verdrietig, kwaad, blij en opgelucht.Ik ben in de war en op orde.
Er is gemis en afscheid.
Het is vaag en duidelijk.
Donderdag 02 Maart 2006 at 12:55 pm
Haar stem klinkt hoog en vrolijk, ik denk meteen aan kleuterliedjes en een gitaar als ze belt.
Ik dacht dat ze boos op me zou zijn, maar dat is niet zo. Ze heeft vooral een soort liefdesverdriet.
Ze lijdt mee met ons."Zien we je nu dan nooit meer?" vraagt ze. Ze zegt er slecht van te slapen.
Wat voor S en mij geleidelijk kwam, was voor haar een donderslag bij heldere hemel.
We praten, maar er wordt meer gezegd dat onze woorden.
Het is vreselijk, maar het moet nu zo. Zodat S en ik beiden gelukkig kunnen worden, uiteindelijk.
"Misschien komen jullie nog wel eens samen, " zegt ze "misschien is het maar een pauze?"
"Wie weet," zeg ik "een jaar geleden had je dit ook niet kunnen voorspellen, er kan vanalles gebeuren"
Ik zeg haar maar niet, dat S en ik dat beiden niet verwachten. Nooit.
Maandag 27 Februari 2006 at 2:02 pm
Ik ben een pashokjes - antiheld. Kleren kopen is de afgelopen tien jaar niet mijn favoriete tijdverdrijf geweest.
Als je een iets forsere dame bent, moet je je weg vinden.
Wat stáát en wat zorgt dat ik op een oost-europese judoka lijk?
Wat haalt me op en wat is een no go?
Moeilijk. En zeker als je ook nog kwetsbaar bent wat je omvang aangaat. Kijk, ik ken vrouwen die lachend hun omvang accepteren, van die prachtige negerinnen bijvoorbeeld, maar ik heb nog heel lang een stemmetje van binnen gehad wat riep dat ik eigenlijk maat 36 moest hebben.
Nu is dat stemmetje aardig verstomd, ik kom steeds dichter bij acceptatie van mijzelf, maar wel met horten en stoten.
Binnenkort heb ik een gala van onze vereniging. Ik ga erheen, natuurlijk. Heb zelfs al een date.
Maar dan de jurk.
Ik zag er enorm tegenop, alsof ik de Mount Everest moest beklimmen.
In mijn gedachten zou iedereen verschrikkelijk slank zijn en ik verschrikkelijk dik.
Iedereen zou er prachtig bijlopen, behalve ik.
Ik verzon zelfs plannen om vóór het gala nog de nodige kilootjes te verliezen.
Maar opeens dacht ik : zo moet het niet.
Schoonheid zit hem in stralen en niet in al dan niet aanwezige kilo's.
Ik herhaalde het als een mantra.
Samen met oude schoolvriendin Elfje ging ik naar Laura Dols in de Wolvenstraat.
Beneden in de kelder liep ik met grote vrezen. Elfje was immer zo slank en petite, dat ik vreesde dat ik me ging spiegelen aan haar en ongelukkig worden.
Iets smaragdgroens wilde ik, en ik wist niet meer precies waarom.
Ik wandelde langs de rekken. Daar hing ze. Strapless dat wel, maar van satijn en ik wist dat ik in haar zou passen en dat we vriendinnen zouden worden.
Ik trok haar aan en Elfje's mond viel open.
"Wow," zei ze "wat mooi"
Ik vond het eng. Een strapless jurk, een lange jurk.
Een jurk waarin je niet kunt wegkruipen, of veinzen dat je er niet bent.
En dat doe ik graag, op zijn tijd.
Deze jurk zegt: ga! straal! feest! wees! durf te leven!
Iets waar ik op dit moment door break up van Segher en mij niet aan denk.
Ik voel me wel fijn in een schulpje, niets mis mee.
Maar deze jurk ging met me aan de loop.
Ik vond het eng.
We gingen weg, maar even later was ik terug.
Ik kocht haar toch. Ik zal proberen te gaan, stralen, feesten, zijn en durven te leven.
Ik beloof het.
Nu nog schoenen kopen.
Zondag 26 Februari 2006 at 9:43 pm
Van een afstand was er niets vreemds aan. Een vrouw en een man. Een stel. Druk pratend liepen ze door de parkeergarage. Bij de ingang van de winkel gleden de vingers van de vrouw als vanzelf in die van de man. Zo liepen ze een tijdje door de Zweedse meubelgigant. Op zoek naar een bed. En een tafeltje, kast en gordijnen. Voor in zijn nieuwe huis. Maar ook naar een tafel en nachtkastjes, voor in haar huis. Wat het winkelende publiek niet kon vermoeden was dat de man en de vrouw niet langer een stel waren. Dat ze net gescheiden waren. En dat dit gescheiden stel samen meubels uitzocht. Meubels die de ander zou houden en de ene dus tekort zou komen.
Dit stukje schreef Ceebee op 14 januari 2006.
Toen ik het las sloeg de schrik me om 't hart.
Wat erg leek me dat. Met je ex naar de Ikea.
Ik kon me niet voorstellen dat het zou gebeuren.
Nu, anderhalve maand later, zit ik in het zelfde schuitje.
Goed, het was waarschijnlijk een andere Ikeavestiging dan waar Cee en Wee naar toe gingen, maar verder was het plaatje hetzelfde.
S en ik, samen in de meubelgigant. Op zoek naar een bed voor mij en gordijnenoor hem.
Onderwijl steeds dingen zeggend als "Weet je, jij moet ook nog een waterkoker hebben"
Als vrienden.
Omdat we als vrienden uit elkaar gaan. We hebben het zo goed gehad samen, dat we het ook goed willen afmaken.
Dat klinkt nobel, maar het is ook heel vermoeiend.
Een gek idee, dat ik volgende week ergens anders woon.
Onze levens zullen gescheiden verder gaan.
Vannacht was hij naar een feestje, waar hij ook bleef slapen.
Het was heel gek om alleen thuis te zijn, zonder verlangen.
Ik mis het missen.
Bijna kon ik er niet van slapen.
Maar het lukte toch.
Zaterdag 25 Februari 2006 at 11:22 am
Al eens eerder schreef ik over mijn heerlijke, beschermde jeugd in een klein gehuchtje aan de Schelde.
Er stonden drie huizen, midden in de polder.
Het was een magische tijd;
Lange ritten op mijn paard, waarbij ik geen mens tegen kwam, maar wel hazen zag.
Appels die je zó van de bomen plukte.
Naar school fietsen door het land wat in de winter wel kaalgeslagen leek.
De geur van bermbrand.
Natuurlijk vervloekte ik het ook vaak. Zeker als je op stap wilde als tiener, was dat niet makkelijk.
En ik was heel vaak alleen. Mijn ouders werkten in hun bedrijf, en er waren niet veel kinderen in de buurt om mee te spelen.
Als er er kinderen waren vonden ze mij "anders" en klikte het niet.
Deels noodgedwongen, speelde ik altijd alleen. En ik vond het, toch wel, heerlijk.
Mijn fantasie kreeg de vrije loop. Ongehinderd.
Ik speelde in musicals met de kippen als publiek.
Ik danste met de bezem.
Ik was een popster en werd geïnterviewd door de kat.
Alles kon, alles mocht.
Ik heb er nog steeds profijt van, nog steeds is mijn fantasie mijn grootste goed.
Het gekke is, als alles zo fijn is, herinner je de rimpelingen in het water des te meer.
Zo weet ik nog heel goed, dat ik de eerste keer bang was.
Dat ik de eerste keer besefte, dat mensen ook slecht zijn en boze dingen doen.
Ik hoorde dat er iemand vermoord was. Zomaar op straat.
Ver weg in Zweden, dat wel, maar toch.
Het allerengste vond ik nog, dat men niet wist door wie.
De dame op het nieuws vertelde dat er een donkere gedaante was gezien.
Ik was nog maanden bang als ik het hek 's avonds moest gaan sluiten.
Maandag is het twintig jaar geleden dat Olov Palme werd vermoord.
Ze weten nog altijd niet wie de donkere gedaante was.
Brrrr

Donderdag 23 Februari 2006 at 5:54 pm
Het meisje dat opendeed, leek als twee druppels water op mijn nicht Wien.
Ik dacht zelfs even, dat ze het wás, maar ik besefte dat het niet zo kon zijn.
De jongen had een brilletje en Elisabeth kende ik al van de Enquist groep.
Ik zat op een bankje, een erg laag bankje, en gedrieën keken ze naar me.
Ze stelden vragen, maar ik stelde hun ook vragen.
We hadden het over wat ik allemaal doe.
Gek, pas als ik het allemaal opsom heb ik door hoe druk ik het eigenlijk heb.
We hadden het over Sokrates, de kat. We hadden het over hoe je dient samen te leven.
Over telefoons, internet en afwassen.
De kamer die ze me toonden was geweldig.
Wat wilde ik er graag wonen, wat wenste ik dat het door kon gaan.
Je zou er bijna van gaan smeken.
Maar dat moet je niet doen.
De kunst van het hospiteren is toeschietelijk zijn, maar ook gereserveerd.
Je bungelt, maar je moet waardig bungelen.
En tegelijk jezelf zijn, eerlijk zijn.
Een hele kunst.
Ik had het erg warm van.
Het zou ook zo ideaal zijn,
de locatie (vergelijkbaar met het Rokin in Amsterdam, voor zover Amsterdam is te vergelijken met Leiden)
de mensen (rustig, twee huisgenoten werken al)
de grootte van de kamer (20m2 mét inbouwkasten)
en de stilte
Aan het eind van de straat werd ik gebeld.
Ik was het geworden, en Sokrates mocht mee.
Midden in Leiden stond ik te springen op straat.
Er komt een nieuw station aan.
Maandag 20 Februari 2006 at 5:22 pm
Midden in de binnenstad van Leiden stond ik te bellen. Ik drentelde wat heen en weer bij de Hooglandse kerk.
Stilstaan kan ik niet, als ik bel.
Ik had Max aan de telefoon, omdat ik een koffer nodig had. Immers, mijn moeder had juist een kerststal van 20 kilo gekocht, en die moest in Zeeland komen. Max leek me de enige in mijn vriendenkring die een koffer kon bezitten.
Verder zijn al mijn vrienden rugzaktoeristen.
Hem kun je niet éven bellen. Telefoongesprekken met hem duren altijd minimaal een kwartier.Hij informeert uitgebreid naar je welzijn, en praat met rustige stem over het leven.Zelfs als hij eigenlijk snel weg moet.
We spraken uitgebreid over de liefde. Hij was bezorgd over hoe ik me voelde.
" Het is een beetje alsof het heel hard geonweerd heeft, en nu de bui net wegtrekt" zei ik
" Ah," zei Max "een soort zomerstorm dus"
Ik had nooit gedacht dat de naam van mijn log me zo zou inhalen.
Hij bleek inderdaad de enige die een koffer had.
Zondag 19 Februari 2006 at 6:34 pm
Opeens hing moeder aan de telefoon.
Haar opwinding en vastberadenheid klonken door vanaf Zeeland tot Amsterdam.
"Ik kom, zondag" zei ze. We spraken af in Leiden.
Moeder en ik dronken koffie met mijn vriendinnen, en liepen vervolgens pratend door de stad.
Het was geen koopzondag, we waren één van de weinigen in de winkelstraat.
De zon scheen, het leek wel of 'ie ons soms vriendelijk langs de grachten streelde.
We beklommen de burcht en begroetten een lapjeskat.
"Dat je toch steeds in Leiden terugkomt" zei Moeder.
Het is de stad waar ik gemaakt ben, en het is toch een mooi toeval daar meer
dan een kwart eeuw later met je moeder te lopen.
We spraken over huizen, beslissingen, gevoel, maar gelukkig deed ze ook een verslag van hoe haar debiele kat de meteropnemer had begroet.
Ik vertelde ook over de vakken die ik volg, en waar ik mee bezig was.
Toen waren we bij een antiekwinkel, dichtbij de bibliotheek.
Hij bleek open, de eigenaar dacht dat het nu het laatste weekend van de maand was.
Mijn moeder kocht er prompt een kerststal.
We waren er de hele dag mee zoet, de kerststal naar het station te vervoeren.
De avond ervoor was ik bij Roos en Iris.
Ik kreeg een klein katje om aan mijn sleutels te hangen, als steunbetuiging.
We aten heerlijk, en zagen Brokeback Mountain in het Kijkhuis.
We bespraken alles wat onze levens bestormt, lachten en huilden.
Ondanks dat mijn scheepje woelige baren bevaart, voel ik me gezegend.
Gezegend met een katje aan mijn sleutels en spierpijn van het sjouwen van een kerststal in februari.
Donderdag 16 Februari 2006 at 10:52 pm
Als je in Leiden een kamer wilt huren, dan zul je moeten hospiteren, wat inhoudt dat je met een groep van 20 man ondervraagd zult worden door de mensen die al wél een kamer hebben in het huis.Je hoort er verschrikkelijke verhalen over. Nare vragen, patstellingen, dat werk.
Gisteravond heb ik gehospiteerd, omdat het mee goed idee leek om een poosje elders te wonen. Afstand is wat S ik nodig hebben. Alleen dan wordt duidelijk of het goedkomt of niet. Deze situatie, zoals we nu met elkaar leven op 40m2 is gespannen en verre van ideaal, hoewel het niet ongezellig is.
Ik kwam dus op gesprek bij een fris blond meisje en een drukke jongen met veel gel in zijn haar.
Leuren met jezelf dus.
Waarom moeten we jou nemen?
Noem eens drie slechte eigenschappen van jezelf?
Ben je zenuwachtig?
Hoe ga je om met conflicten?
Wat kun je het beste?
Ik ben een meisje van 26, ik wil een beetje rust en een beetje gezelligheid. Dat is alles.
Maar dat zei ik niet.
Ik probeerde opgetogen te doen, het lukte wonderwel, terwijl ik eigenlijk voelde hoe mijn leven uiteen werd gerukt.
Kijken naar een kamer betekent dat het echt waar is, immers.
Natuurlijk dacht ik toen ik buiten stond wel "dit had ik moeten zeggen" of "ik ben vergeten dat te vertellen", maar ik had niet het idee dat ik het slecht gedaan had.
Daarnet ben ik gebeld door de jonge frisse blondine.
Ik ben het niet geworden.
Natuurlijk, het is geen keuze tegen mij, maar vóór een van de andere veertien.
Het is niet dat ik stom ben.
Toch valt het kouder op mijn dak dan ik dacht.
Ik wil naar huis, maar ik weet even niet zo goed waar dat is.
Maar het komt goed!
Donderdag 16 Februari 2006 at 8:34 pm
We zaten aan een tafeltje in de mensa en roddelden wat over docenten en medestudenten.Op de één of andere manier komen we dan altijd op homosexuelen in onze omgeving. Blijkbaar is dat nog steeds iets om over te giechelen, al snal ik niet precies waarom. We hebben er drie, homosexuele docenten, en allerdrie passeerden ze de revue.
"Waarom zijn die docenten niet gewoon normaal? ," verzuchtte hij. Nu, wij hebben een grote groep excentriekelingen achter de lessenaar staan. Ik dacht dat hij dat bedoelde, en wilde hem al bijna gelijk geven.
" Ik bedoel, " zei hij " homo zijn is toch volstrekt tegennatuurlijk" " Zeg het is wel 2006 hoor" zei ik
" Je bent hier in de randstad, niet in één of ander achtergebleven gebied" zei een ander meisje.
Het mocht niet baten.
" Toch, het is een vreemd geval" zei hij
" Ik vind jou een vreemd geval" zei ik.
Ik stond op en liep weg, me verbazend over zulk een mening.
Donderdag 16 Februari 2006 at 09:35 am
In oktober ging het niet goed. We zaten in onze eigen luchtbellen, in onszelf gekeerd.
We konden elkaar niet meer vinden, het leek een aflopende zaak.
Gelukkig kwam het goed, er bleek een naald te vinden om onze bellen lek te prikken.
Inmiddels weten we niet meer waar de naald is, en of we hem nog vinden willen.
Segher hult zich in onmacht, in niet-weten.
Ik bedenk plannen.
Er zijn drie kanten aan het verhaal, maar werken voor een relatie kun je niet in je eentje.
Natuurlijk is er zijn kant, mijn kant en de waarheid.
Helemaal aan is het niet meer, helemaal uit ook niet.
Het is een verwarrende tijd, maar het is ook fijn dat het niet van dag 1 op dag 2 helemaal afgelopen is en klaar.
Een poosje losweken is prettiger, ookal zou je niet denken van niet.
Nieuwe horizonnen openen zich, soms gepaard met een prettig gevoel van vrijheid, soms met pijn.
Maandag 13 Februari 2006 at 11:34 pm
In jaren had ik haar niet gezien. En nu stond ik opeens met haar in Amsterdam biertjes te drinken in een kroeg voor lesbische vrouwen.Ze vertelde me dat ze bijna dertig was, en besefte dat ik haar nu dus acht jaar kende. Zij woont nog altijd in Zeeland, maar niet meer in onze hometown.
Zij is dat stadje ook ontvlucht. Ze vertelde over haar leven, hoe goed het gaat maar hoe geen relatie wil beklijven.
Ookal vertelde ze dat ze in Zeeland nu toch zo vrij was, ik zag hoe een juk van haar afviel nu niemand haar kon zien.Een paar uur later zoende ze hartstochtelijk met een Australische, tussendoor kwam ze even checken of ik dat toch niet erg vond aangezien ik via haar in ie kroeg verzeild was geraakt.
Ik vond het geen probleem.
Immers, ik was in gesprek met de huisgenoot van de Australische, ook hetero en ook meegesleept.
En ook praatte ik met Maggie uit Limburg, over waar we op vielen.
In principe sluit ik niet uit op vrouwen te kunnen vallen, maar ik ben er nooit een tegengekomen. Ook deze avond niet.
Ik val op een bepaalde verlopenheid, op stoerheid, op een zekere ruigheid.
Eigenlijk val ik op dichters op motors, zeg maar ( zoals hij of
hij en hij)
Maar we bespraken nog veel meer.
Ondanks dat ik niet onder vrienden was, vond ik het een erg leuke avond
We eindigden in de "you too", waar zij de portier kende zodat we gratis naar binnen mochten.
Twee meisjes met kort haar zoenden uitbundig met meisjes met lang haar.
Toen ze me begon te vragen of ik nou echt nog nooit met een vrouw had gezoend, en of ik het niet zou willen.
Ik besloot van niet, en fietste daarna heel alleen door Amsterdam.
Zo zag ik mijn pasverworven stad weer door een heel andere bril.
Fietsen door Amsterdam vind ik normaal nog best eng, maar nu niet.
Nu ging het vanzelf, ik zong er zelfs een liedje bij.
Zaterdag 11 Februari 2006 at 8:07 pm
Het moet een uur of half drie geweest zijn, toen S en ik doodkalm op de Nieuwendijk liepen.Hij had een braadpan gekocht, en we sloften richting Dam.
Toen kwam opeens een enorme rennende menigte aangerend. Ze gilden luid, leken door het dolle heen.
Het was een enorme horde.
Alle mensen gingen snel winkels in. S en ik stonden in een telefoonwinkel.Iedereen vroeg elkaar wat er aan de hand was. De groep kwam langsgerend. Ze sloegen op winkelruiten, gooiden rekken om.
De schoenen lagen overal.
De oude kleine vrouw naast me was bang. "Wat is er aan de hand? " ze keek verschrikt naar me op.
" Er was een demonstratie" zei ik
" Waarom?"
De telefoonverkoper liet het stalen rolluik zakken.
" Ik denk dat het te maken heeft met de tekeningen in Denemarken" " De tekeningen" herhaalde ze voor zich uit.
Zo stonden we even, achter de bescherming van de stalen luiken.
We waren een onhandige groep mensen, onbeholpen.Alsof we op een bus wachtten of schuilden voor de regen.
We keken elkaar niet aan.
De verkopers keken door de ruiten, om te kijken of het al voorbij was.
Toen het weer rustig was, en het winkelende publiek al lang weer voorbijtrok alsof er niets was gebeurd, konden we uit de winkel.
Amsterdam had zich niet laten gek maken, zoveel was zeker.
lees hier meer over het gedoe op de dam.
Vrijdag 10 Februari 2006 at 6:33 pm
" Ben je bekend? Ik weet zeker dat ik je al eerder heb gezien"
De oudere surinaamse meneer neemt me onderzoekend op.
Gedurende de reis heeft hij me gemonsterd vanachter zijn sp!ts.
Bijzonder hoe iemand je kan aanstaren zonder dst het irritant wordt, of viezig.
"Speel je toneel? " vraagt hij
Ik wil een vlotte opmerking maken in de trant van "niet heel de dag" ofzo, maar ik zie dat hij er niet van gediend zal zijn.
Dit is een serieuze zaak
"Neehoor" zeg ik dus, een beetje bedremmeld
i>"En kom je ook niet op televisie?"
De andere mensen in de trein kijken nu ook naar me.
Ik verzeker de man dat ik geen celebrity ben.
Hij kijkt streng. Het voelt alsof ik bij de schoolmeester ben, een strengen schoolmeester die denkt dat ik hem om de tuin leid.
Als de trein tot stilstand komt op CS nemen we vriendelijk afscheid.
Hij lijkt nog niet overtuigd.
Op wie zou ik nu toch zo lijken?
Ik zal het misschien wel nooit weten.
Donderdag 09 Februari 2006 at 10:36 pm
" Je moet wel wat over Gent schrijven" zei Roeland vandaag.
Tja, dat wil ik natuurlijk best. Maar, ik weet niet waar te beginnen.
Tot nu toe waren de gedachten eraan één grote leuke brei, en daar begin je niet veel mee.
Nu alles een beetje gezonken is, is het het inderdaad wel tijd.
Bij mijn aankomst werd door de tramchauffeur veel te ver in Gent werd afgezet.
Afgezet in twee betekenissen. Ik betaalde 2 euro voor een ritje van - naar later bleek- 60 cent.
Gelukkig haalde Roeland me op, het is vreemd in het donker in een vreemde stad te lopen.
Inmiddels had ik een smsje gehad van Puck en Isabel, dat ze een bed voor me hadden gereserveerd.
Puck en Isabel waren sowieso fijn. Ik kende hen al wel, maar tijdens de reis werd ons contact verdiept.
En ook sprak ik mijn andere vrienden eindelijk weer eens. Onze levens zijn druk en hectisch, het is fijn om echt de tijd voor elkaar te hebben.
Mijn portemonnee werd gestolen, maar weer teruggevonden met alles erin.
Ik zag handschriften van Hadewych en Karel en de Elegast.
Ik verdwaalde samen met Nicolaas, maar we haalden de groep weer in.
We stonden in aanbidding voor het Lam Gods en voor de prachtige stad in het algemeen.
Alles verliep verder gesmeerd. Het waren mooie dagen. We sliepen weinig, deden veel.
We gingen heerlijk op stap in café "de Maeght van Ghent" waar het naar rotte eieren rook.
Maar och, na een paar biertjes ruik je het niet meer.
De mannen waren erg blij met "het druppelkot", waar alle smaken jenever te verkrijgen waren.
Ken je dat, dat je steeds bijna vlinders in je buik hebt, en dat je hart groter voelt?
Dan weet je dat je onder vrienden bent.
En of het vrienden zijn for the time being of misschien vrienden voor het leven, dat maakt niet zo veel uit.
Maandag 06 Februari 2006 at 4:22 pm
Ze had wel meer aanmerkingen op mijn leven, maar het feit dat ik van uitgaan en feesten hield, vond ze maar niks.
Mijn tante, die bij ons inwoonde, vond dat ik niet mocht uitslapen.
Nu was ik in die tijd nog keurig. Ik spoedde me om 2 uur en huiswaarts en dronk geen druppel alcohol.
Maar ja, uitgaan vond ze niet netjes. En als ze iets vond dan bleef ze erbij.
Het moet iets calvinistisch geweest zijn, wat doorklonk
Ze heeft het nooit tegen me gezegd, maar je wist wat ze vond door haar kleine, huiselijke guerrilla.
Als ik 's zaterdags rond half drie was thuisgekomen, kon ik rekenen op kleine protesten in huis op de zondagmorgen.
In het begin denk je, dat je het je inbeeldt. Maar na verloop van tijd is er zo'n erorme hoeveelheid geluidsincidenten geweest, dat je er niet omheen kunt.
Extra hard de hond roepen onder mijn raam bijvoorbeeld, of heel hard stoelen aanschuiven. En vooral heel hard praten.
Uitgaan en uitslapen konden haar goedkeuring niet wegdragen. Dat was duidelijk.
Mijn ouders vertelden me dat het waar was, dat ik het me niet had ingebeeld.
Inmiddels ben ik 8 jaar de deur uit, maar ik moet er nog altijd aan denken.
Het uitslapen heb ik nu eindelijk een beetje onder de knie.
Uitgaan was ook altijd voorzien van een randje "mageigenlijkniet".
Maf hoe mensen met kleine daden zo'n stempel op je leven kunnen drukken.
Zondag 05 Februari 2006 at 6:20 pm
Ik kan me echt nog een poos laten meeslepen door de leuke moment die ik beleefd heb.
Na zo'n fijne reis ben ik altijd nog even in een roes.
Het duurt maar drie dagen, maar je hebt het gevoel alsof je drie weken bent weggeweest.
Mijn geestesoog toont me de blije gezichten van Nicolaas, Jeroen en Lucas, het Lam Gods wat we bezichtigden, het klooster waar ik al over schreef, de sprookjesachtige stad,de leuke momenten die ik had met Puck en Isabel, hoe vanzelfsprekend en gezellig alles was.
Thuigekomen was ik helemaal vol van alles, en langzaam zakt het af, komen de voeten terug op aarde.
Maar het begint wel weer.
Er zijn e-mails te beantwoorden, moeders te bellen, ik moet nog naar het postkantoor, ik moet wassen draaien en wat dacht je van de administratie .....
Het begint weer.
Het wordt weer druk.
We gaan weer vergaderen, lezen, kopiëren, emailen, organiseren, plannen, werken, treinen nemen, schrijven, praten, nadenken.
We gaan weer. Ik heb er zin in. Ik zal me weer volledig in alles storten, en beseffen hoe gelukkig ik ben dat ik dit allemaal kan doen.............
Vandaag nog even niet naar buiten. Nog even net doen alsof het leven nog niet echt herbegint.
En dan knallen.
Zaterdag 04 Februari 2006 at 7:57 pm
Allen namen we een stoel uit de wachtkamer, en we zetten ons in een zaaltje met een grote oude tafel in het midden.
We werden verwelkomd door een enthousiaste levendige dame van 75 met een een hoofdkapje. Zij was moeder overste.
Ik heb wel eens een non zien lopen, maar ik had er nog nooit één gesproken. Nu kregen we informatie van twee echte zusters.
Ze vertelden over hun roeping, hun dagindeling en hun leven in het klooster.
"We bidden voor alle mensen" zei moeder overste
"Ik ben een zeer gelukkige zuster daardoor" zei de andere zuster.
Dat moest wel waar zijn, dat zag je. De dames straalden en kwamen bijna levendiger over dan de groep twintigers.
Het leek alsof zij een geluk ervaarden, wat dieper en completer was dan wij ooit zouden kunnen bevatten.
Ze toonden ons oude handschriften, als sinds de middeleeuwen in hun bezit. We mochten de boeken gewoon aanraken en voorzichtig bladeren.
Ook spraken we met een novice, een vrouw van amper dertig die bezig was het kloosterleven te aanvaarden.
Deze zusters wijdden hun levens aan de heilige Coleta.
Coleta Boellet werd geboren in 1381 in het stadje Corbie, in Frankrijk. Als jong meisje ging ze in een kluis in de kerkmuur leven. Lange tijd vastte ze dan.
Coleta ontving van een paus een opdracht als kloosterhervormster. Deze opdracht hebben wij gezien en vastgehouden. Hij ligt in een kluis bij de zusters.
Filips de Goede en Isabella van Portugal steunden Coleta en met geld van hen én de adel stichtte zij ook te Gent een klooster.
Dat was het monasterium Betlehem, waar wij een bezoek aan brachten.
Ze stierf er op 6 maart 1447. Ze werd begraven in de kloostertuin.
Coleta werd een druk vereerde volksheilige. Ze werd in het bijzonder aanroepen door zwangere moeders, die hiervoor in het Gentse klooster ?onder de mantel van Sint-Coleta? gingen zitten. Volgens de overlevering was dit de sluier die ze van de paus bij haar intrede als kloosterlinge gekregen had.
De novice en moeder overste deden voor hoe dat in zijn werk ging.
"Mogen ze fruitsap?" zei één der zusters tegen onze docent
Dat mochten we wel van hem. Zo zaten we met een glaasje jus in een klooster in de Gentse binnenstad, ontroerd en geraakt.
" We zien jullie waarschijnlijk nooit meer" zei moeder overste "maar, we nemen jullie mee in ons hart"
Woensdag 01 Februari 2006 at 12:08 pm
Opeens begon de man te bewegen, terwijl ik tot op een paar seconden daarvoor zeker had geweten dat hij een pop was.
Hij wees op een bord waarop stond dat zwangeren, kinderen onder de twaalf, en mensen met hartproblemen niet door mochten lopen.
Stiekem was ik al een beetje bang, maar iedereen ging naar binnen dus ik liet me niet kisten, besloot ik.
Tutje als ik ben, hield ik de arm van Roeland vast. Voor ons liep Gijsbert, en Lucas en Marjolein bleven achter ons.
Het leek nog mee te vallen. Ja, ik zag wel dat die man daar, die met zijn armen door de tralies naar ons greep, een echte man was.
Maar och, hij kwam toch niet uit zijn gevangenisje.
Tot we de hoek om liepen. Zijn deuren zwiepten open, en hij kwam op ons toe. Ik hield het niet meer en slaakte een harde damesgil.
Compleet met sprongetje.
Daarna was het gelukkig snel voorbij, en konden we fijn met alle wassen beelden op de foto in de meest melige standen.
Het was een fijne dag.
Na Madame Tussaud gingen we naar mijn huis om er heel veel pannenkoeken eten, waarna we de film Amélie zagen op onze grote oranje bank.
Toen mijn bestuursgenootjes weg waren zat ik met rode wangen rozig op de bank.
Erg leuk je nog het gevoel kunt hebben dat je een kinderfeestje hebt gehad, op je 26e 
Maandag 09 Januari 2006 at 9:07 pm
Met een loeizware tas reisde ik vandaag naar mijn ouders in Zeeland,
waar het licht anders is, het leven trager, en de stilte doordringender.
Drie dagen ben ik hier om te studeren en afentoe door de polder of de binnenstad te lopen.
Dat studeren ging erg goed.
Ik studeerde de hele reis van Amsterdam naar de provincie, de hele twee en een half uur.
Het boek voor mijn tentamen is namelijk zo verschrikkelijk leuk en interessant dat ik het bijna niet kan wegleggen.
Eenmaal hier heb ik ook nog anderhalf uur gelezen.
Nog steeds voelt het gek, je studie leuk vinden.
Blijkbaar hebben we aangeleerd dat het niet leuk mag zijn, dat je school stom moet vinden en niet behoort te genieten van de leerstof.
Stom is dat.
Zondag 08 Januari 2006 at 6:01 pm
Het is fijn om uit een harmonieus gezin te komen, je hebt een fijne achtergrond en een leuke jeugd om op terug te kijken.
Ik heb er een grote afkeer aan ruzie en geweld aan overgehouden.
Op zich een prima eigenschap waar ik best trots op ben, maar soms zit hij me ook in de weg.
Het is namelijk ook zo, dat ik absoluut niet tegen ruzie kan, en ook niet tegen conflicten of nare opmerkingen.
Alles probeer ik altijd te sussen, brandjes wil ik altijd zo snel mogelijk blussen,
en ik kan ruzies of ongenoegen heel lang bij me dragen.
Soms wel een jaar of langer.
En dat is lastig, want in het leven heb je nu eenmaal conflicten en niet alles gaat zoals je wilt.
Vandaag bevond ik me weer in een conflict waarin ik eerst stelling nam, maar daarna gaf ik maar snel toe.
Om ervan af te zijn. Om het niet meer de hele dag bij me te dragen. Om weer harmonie te krijgen.
Toen ik toegegeven had, voelde ik me zwakjes.
Misschien heb ik dan op de valreep toch nog een goed voornemen.
Vaker de hakken in het zand als het nodig is, en dan loslaten.
Als je zegt wat je ergens van vindt, kun je het conflict ook makkelijker laten gaan.
Gelukkig heb ik dat deze keer wel gedaan, het was niet toegeven zonder slag of stoot.
Dit conflict ging maar over iets kleins.
En gelukkig weet ik dat ik dwars kan zijn, als het er echt om gaat.
Maar toch he ...
Vrijdag 06 Januari 2006 at 2:17 pm
Als je Nederlands studeert, kun je afstuderen in taalbeheersing, oudere letterkunde, moderne letterkunde, en taalkunde.
Taalbeheersing gaat over teksten analyseren, en argumenten opsporen enzo.
Bij taalkunde ga je onderzoeken waarom we kinderspeeltuin zeggen en niet kindspeeltuin,je verdiept je in etymologie of herkomst en frequentie van mensen.
Voor mij stond het eigenlijk wel vast dat het literatuur zou worden, waar ik in zou afstuderen.
Je moet wel doen wat je het leukste vind, natuurlijk. Anders lukt het niet ook.
Nu kun je bij ons dus kiezen voor oudere en moderne letterkunde, en dat vind ik dus een lastige keuze.
Moderne letterkunde gaat over de boeken van nu. Heerlijk om daarover te discussiëren en van gedachten te wisselen.
Het is zo bijzonder om te zien dat een ander iets heel anders heeft begrepen of gemaakt van een boek dan jij.
En het is erg leuk om te zien dat er soms zo veel meer in kan zitten, als je eenmaal weet hóe je zo?n boek ook kunt lezen.
Met een neuslengte won oudere letterkunde echter.
Ik vind het erg leuk om de oude teksten te lezen, die 600 jaar geleden geschreven zijn in een taal die nog helemaal niet echt op ons Nederlands lijkt.
Het is erg tof om teksten te kunnen lezen die toen door mensen geschreven zijn.
Het puzzelwerk is ook erg leuk en interessant, en het feit dat sommige ontdekkingen niet vaststaan is erg inspirerend.
Soms voel je een bepaalde historsiche sensatie, alsof de auteur je de hand reikt door zijn tekst heen.
Nu zijn historisch letterkundigen de nerds van Nederlands.
Heel veel mensen zien "ons" als mensen die zich bezighouden met achterhaalde stukken. Er wordt nooit meer iets nieuws ontdekt, zeggen ze dan, en jullie werk draagt niet bepaald bij aan een de wereldvrede of het vinden van een medicijn voor kanker.
Een dooddoener natuurlijk.
Als je alles afmeet aan wereldvrede (waar oudere teksten overigens misschien best toe kunnen bijdragen) of medicijnen voor kanker, is er weinig in het dagelijks leven wat nog zin heeft.
In ieder geval heeft de historisch letterkunde zin voor de individuen die zich ermee bezighouden .. en dat is erg prettig ...
Dinsdag 03 Januari 2006 at 10:27 pm
"Heb je Spoorloos dan niet gezien? "
Wat deed ik maandagavond, weet ik niet eens meer goed. Ik bevind me in een heerlijk kerstvakantieritme, verslind boeken en films en weet niet eens welke dag het is.
" Wat was er dan ? " vraag ik mijn moeder
Ze vertelt over een jongen van 24, die Jelte heet. Hij woont in Amsterdam en is op zoek naar zijn vader. Het verschil tussen de 'normale' zoektochten en die van hem is echter, dat Jelte verwekt is via kunstmatige inseminatie, met behulp van een anonieme spermadonor.
Een paar jaar geleden zag ik ook eens zoiets, het was toen een meisje uit Gouda die op die manier op zoek ging naar haar verwekker.
"Zou jij niet willen weten wie het is?" vroeg Segher laatst.
Meerdere mensen stellen me deze vraag als ik hen vertel dat ik verwekt ben door een donorvader.
Niet dat ik ermee te koop loop, of dit continu doorvertel, maar ik lieg er ook niet over als het ter sprake mocht komen.
Het antwoord moet ik schuldig blijven. Ik weet het niet. Enerzijds ben ik -natuurlijk- nieuwsgierig, anderzijds heb ik er altijd rekening meegehouden dat ik hem nooit zou kunnen vinden, en blijkbaar sluit je dan onbewust iets af.
Meestal antwoord ik dan, dat ik het leuk zou vinden langs een terrasje te lopen waar hij zitten zou.
Dan zou ik rustig even kunnen kijken, verder niks.
Een donor vind ik ook iets anders dan een vader.
Merken dat ik heel erg op mijn grootmoeder lijk scheelde ook enorm.
Tot die tijd stond ik altijd wat verdwaasd naar mijn moeder en nichtjes te kijken. Zij zijn magere latten zonder al te veel borst, heup of bil.
And i have buttocks you can rest a pint on., van mijn grootmoeder dus, zo bleek.
Bijna ieder mens heeft de behoefte te hebben op iemand te lijken, het is een soort thuiskomen.
Ik heb dat altijd weggewuifd, er zelfs over geschamperd bij programma's als Spoorloos. Terwijl ik intussen hetzelfde wilde.
Wat zou ik nog moeten met zo'n man?
Ik vraag het me af terwijl ik in de duisternis van onze binnentuin staar.
Kijk hier naar het filmpje van Jelmer.